€ 5,95

PRINT boek

  € 13,95

ePUB ebook

niet beschikbaar

Meer van deze auteur


  • Vrèhèd Blèhèd

  • Vrèhèd Blèhèd

Bami Hakgebal

Jeroen van Oorschot • ebook • pdf

  • Samenvatting
    Nee, dit is geen kookboek. In uw handen rust een verhalenbundel van een gewone, Haagse jongen. Het is tot stand gekomen vanuit een ziel die gemakkelijk herinneringen opslaat en lastig data wist. Die chaotische drukte is tijdelijk geordend gedurende het schrijven van deze op waarheid gebaseerde anekdotes. In sommige verhalen vervangen fictieve personages ondergetekende. Laat u zich daar niet door afleiden, het gaat om de essentie van het gebeurde.

    De Blonde Ooievaar is een spontaan bedacht alter ego, die in eerste instantie begon als ‘vlogger’. Nu vervult hij de functie van tolk. Hij vertaalt de Haagse geest van Jeroen van Oorschot voor wie hem even niet volgt. Aan u de uitdaging om te merken of de verhalen binnenkomen zoals ze zijn bedoeld: puur, recht voor zijn raap, soms melancholiek, soms poëtisch. Maar vooral met veel humor. En juist door deze mengelmoes van emoties voor bijna iedereen herkenbaar. Het zijn verhalen die veel mensen, zij het in een andere context, in min of meer vergelijkbare situaties hebben meegemaakt. En tegelijkertijd zijn er passages die ronduit onwerkelijk lijken, doch evengoed waar gebeurd zijn. In beide gevallen zult u er smakelijk om kunnen lachen.

    DE BLONDE OOIEVAAR
  • Productinformatie
    Binding : PDF
    Auteur : Jeroen van Oorschot
    Bestandstype : PDF
    Distributievorm : Ebook (digitaal)
    Aantal pagina's : Afhankelijk van e-reader
    Beveiliging : Geen   Informatie 
    Uitgeverij : Niet bekend
    ISBN : Geen
    Datum publicatie : 10-2017
  • Reviews
    niet beschikbaar
  • Reviews (0 uit 0 reviews)

€ 5,95

niet beschikbaar

direct, via download
Veilig betalen Logo
Delen 

Informatie
Herroepingsrecht is uitgesloten voor eBooks. Een download van een eBook of luisterboek is niet meer te herroepen op het moment dat u, na aanschaf van het e-book, de download heeft gestart.

Fragment

HAAGSE JONGEN

Een jongen van vijf, speels en nieuwsgierig
De Gaslaan, blauwe lucht, zomerzon
Een schoffie in een speeltuin - fiets, schommel, zandbak
Ontdekte wat hij niet kon

Een jongen van zeven, klein maar volhardend
Trotseerde natte wind en kou
Het Regentesseplein, de Weimarstraat
En wat school hem verplicht leren zou

Een jongen van tien, schaatste in winters
Begaf zich op veel te glad ijs
Kluunde en week uit voor wakken
Werd vallend en opkrabbelend wijs

Die jongen van toen is nu dertig jaar verder
Leerlaag op leerlaag gelegd
Verhuisde van wijk naar wijk in Den Haag
Maar verloor dat schoffie nooit echt



CONTACTGESTOORD

Een kantoorgebouw. Een kruispunt dat een rotonde werd. Nieuwe riolering. Bouwvakkers. Twee klieren. Tot zover de ingrediënten voor het volgende verhaal.

Arnoud en ik vervulden onze plicht als chauffeur door het aangename met het noodzakelijke te combineren. Om die reden hadden we veel telefonisch contact, meestal met veelvuldig lachen als hoogste doel. Uiteraard ging dit gepaard met bepaalde kosten per seconde. Een oplossing om dit financiële aspect te vermijden vonden wij in de eenmalige aanschaf van twee kleine portofoons, made in China, gekocht bij de bekende Noord-Hollandse huishoudhandel. In de praktijk ervoeren wij echter al vrij snel veel nadelen van deze walkie-talkies. Door alle bovenleidingen ten behoeve van de Haagse trams was het slechte bereik de voornaamste reden waarom wij moesten concluderen dat de reguliere mobiele telefoon toch beter werkte. Desalniettemin waren de kleine neptelefoons leuk om op korte afstand met elkaar te communiceren. Maar veel leuker werd het toen we ontdekten dat er ook anderen gebruik maakten van bepaalde kanalen van onze portofoons.
Omdat het kruispunt voor ons kantoorpand een jaar voordien was omgetoverd tot een rotonde en men om diverse, ongetwijfeld verdedigbare redenen nog geen halfjaar later bedacht dat de riolering vervangen moest worden, lag de straat voor de tweede keer in korte tijd langdurig open. Graafmachines en bouwlui reden en liepen af en aan, met als doel om zo snel en vakkundig mogelijk de mooiste rotonde-met-nieuwe-riolering te realiseren. Daar kwam echter iets vervelends tussen. Of liever: twee. Arnoud en ik. Door de portofoons kregen wij namelijk in de gaten dat de bouwvakkers in en buiten de grote werkvoertuigen óók gebruik maakten van dit communicatiemiddel. Zoekend naar andere frequenties vingen wij plotseling gesprekken tussen die bouwlustige bouwlui op. Dit was té aantrekkelijk om te negeren. ….


KORTSLUITING

Het was Praag en het was herfst. En het stortregende al de hele dag, de straten die eerst glommen waren nu compleet ondergelopen. Daar ergens langs een klein straatje in de ambassadewijk (voor wie er bekend is, wijk 6) stond mijn bestelbusje, een oude Citroën met bijna vierhonderdduizend kilometers achter de wielen. Met doorweekte voeten bereikte ik het barrel, waarvan ik hoopte dat mijn baas het snel zou afstoten. Eenmaal binnen draaide ik de contactsleutel om, maar meer dan het mechanische “klûk” van het slot hoorde ik niet. Er gingen vaag wat rode lampjes branden, maar het geheel was niet levendig genoeg om ergens te komen. Zeker niet thuis. Het zijn momenten waarop je even denkt: “Klote, maar wat nu?” Stil blijven zitten heeft geen zin, in een geparkeerde auto in Praag gaan wonen ook niet. Je moet naar huis, dus je moet handelen. Dat laatste bestond voor mij in eerste aanleg uit contact met de werkgever. Die regelde op zijn beurt een pechdienst en na lang wachten leek de redding nabij. De blondgestekelde man, die mij uit de ellende moest verlossen, stelde zich kortaf voor als Igor. De motorkap werd geopend en er werd gekeken, gefrutseld en druk met het hoofd geschud. Het moest erger zijn dan ik dacht. In gebrekkig Duits deelde Igor mij mee dat het kortsluiting was en dat betekende definitief wegslepen. Het was heel even droog en op een minder nat stukje stoep knielde hij voor mijn zieke auto neer om de sleepkabel aan het bijbehorende oog te bevestigen. Daarbij calculeerde Igor al scherpzinnig in dat het waarschijnlijk een uitdaging zou gaan worden om de auto überhaupt weg te krijgen. Ik had mijn vierwieler namelijk vlak bij een uitrit geparkeerd. Het stuk stoep naast de auto liep vóór de motorkap breed uit ten behoeve van de verlaagde stoep. Hierdoor stonden mijn voorwielen allebei haaks tegen een stoeprandje aan, waarbij me ook ineens opviel dat er verderop een paar lullige paaltjes behoorlijk in de weg stonden. Igor stapte in zijn auto, een oude maar sterke VW-bus, en ik in mijn doodse Fransoos. Onze angst werd werkelijkheid: het dode paard wilde de sloot niet uit en de kant niet op.
Zo waren we inmiddels een halfuur bezig en hoewel het geen heel drukke straat was, stonden we toch aardig in de weg voor het overige verkeer. Igor begon zich nu zichtbaar te ergeren en stond steeds meer en meer open voor onorthodoxe oplossingen. Hij brabbelde wat in het halfbakken Duits en wat hij niet in het Duits kon zeggen kwam er gewoon uit in rauw Tsjechisch. Het kon hem niet meer schelen of ik het begreep, als hij zelf maar wist wat hij deed. Aan dat laatste begon ík nu te twijfelen. Toen de sleepkabel bevestigd was deed Igor iets wat ik niet had zien aankomen. In plaats van met het andere eind van de kabel weg te lopen van mijn auto, dook hij erónder en hengelde ermee in de richting van het linker voorwiel. Vol verbazing zag ik hoe de sleepkabel na een hoop gepruts rond de wielophanging achter het wiel weer tevoorschijn kwam ter hoogte van waar mijn voordeur scharnierde en Igor vervolgens richting zijn auto liep. De vóórkant! “Wat gaat die gek doen?” moet ik me pruttelend afgevraagd hebben, toen hij mij ook nog eens gebaarde dat ik beter bij hem voorin kon komen zitten. .... ×
SERVICE
Contact
 
Vragen