€ 21,95

ePUB ebook

niet beschikbaar

PDF ebook

niet beschikbaar

Meer van deze auteur

  • Cover Ambt Nederbetuwe Gerichtssignaat Bank Zoelen 1581-1604
    Ambt Nederbetuwe Gerichtssignaat Bank Zoelen 1581-1604 (boek)
  • Cover Ambt Nederbetuwe Gerichtssignaat Bank Kesteren 1680-1730
    Ambt Nederbetuwe Gerichtssignaat Bank Kesteren 1680-1730 (boek)

Ambt Nederbetuwe Gerichtssignaat 1741-1797

Dr. P.D. Spies • Boek • paperback

  • Samenvatting
    Ambt Nederbetuwe
    Gerichtssignaat
    1741-1797

    Dit vijftiende deel van de Serie Gerichtelijke Transcripties Nederbetuwe bevat de handelingen van het Hoogadelijk Landgericht van de Nederbetuwe binnen de banken van Kesteren en Zoelen vanaf 1741 tot en met 1797. De transcriptie wordt kort ingeleid en de getranscribeerde tekst is voorzien van verduidelijkende voetnoten. Dit gerichtsboek lijkt niet aan te sluiten bij het vorige deel, maar uit de tekst blijkt dat in de ontbrekende jaren geen zittingen zijn gehouden.
    De inhoud van dit boek varieert van rechtszaken over geringe bedragen tot en met gevallen van doodslag en moord. Er is dus sprake van civiele en criminele rechtspraak. Er zijn diverse vonnissen opgenomen ten aanzien van de criminele rechtspraak, maar de meeste (grote) criminele zaken werden normaliter in aparte criminele dossiers bewaard. Vanaf 1765 werden de criminele zaken in een apart boek geschreven, het zogenoemde criminele signaat. Toch staan er daarna nog criminele zaken in dit boek, vaak ten dele, of een sententie. Ook de civiele zaken zijn voor een belangrijk deel niet volledig uitgeschreven. Verschillende mondelinge pleidooien werden wel uitgeschreven en bieden een interessante kijk in de keuken van het gericht. De Latijnse en andere lastige onderdelen zijn zo goed als doenlijk uitgeschreven of toegelicht in voetnoten. Al met al geeft dit boek wel voldoende informatie om een beeld te kunnen vormen over de rechtspraak in deze jaren. Opvallend is het gegeven dat criminele zaken, zoals de vele steek- en vechtpartijen soms civiel werden afgedaan met betaling van smartegeld en de medische kosten, of zoals in juli 1744 een zaak van doodslag met een geldboete, idem bij dood door schuld in 1750. Al met al stof genoeg voor nader onderzoek.

    Dr. Peter Dirk Spies (Amersfoort, 1955) promoveerde in 2017 aan de Theologische Universiteit te Apeldoorn op de studie: De classis van Tiel 1579-1816. De gereformeerde kerk in de Nederbetuwe in het spanningsveld van politieke machten en maatschappelijke veranderingen. Hij is onder andere werkzaam geweest als hoofd van een afdeling archief, bibliotheek en documentatie, als theoloog binnen de Nederlandse Hervormde Kerk en als jurist in bestuursrechtelijke zaken. Daartoe volgde hij enkele archiefopleidingen en bekwaamde zich in bestuursrecht en paleografie. Zijn onderzoeksgebied en specialisatie betreft in het bijzonder de kerkelijke, rechtelijke en politieke ontwikkelingen binnen het voormalig Hertogdom Gelre.
  • Productinformatie
    Binding : Paperback
    Distributievorm : Boek (print, druk)
    Formaat : 170mm x 240mm
    Aantal pagina's : 573
    Uitgeverij : Dr. P.D. Spies (druk: Pumbo)
    ISBN : 9789463455749
    Datum publicatie : 02-2019
  • Inhoudsopgave
    Inleiding.
    Transcriptie.
    Naamregister.
  • Reviews (0 uit 0 reviews)

€ 21,95

niet beschikbaar

niet beschikbaar

3-5 werkdagen
Veilig betalen Logo
14 dagen bedenktermijn
Delen 

Fragment

Dit is een gedeelte uit 1793:

Extraordinaire gerichtelijke vergadering gehouden te Hemmen den 22 julij 1783.

Praesentibus den heere amptman en richter Steven Walraven grave van Randwijk, Jacob Derk van Brakell, Jan Elias van Lijnden, secretaris van Omphal noodschepen en in deeze als gerichtschrijver fungeerende.

Verleezen requeste van Emond Picard, waarbij zig pro suo interesse is voegende Roelof Fieren van Maurik pro se et nomine uxoris Gerardina Picard, te kennen geevende, dat der supplianten ouders, eerst Peter Picard en daarna in dit voorjaar Gerardina Picard ehelieden, deezer waereld overleden zijn, hebben nagelaaten drie kinderen, Jacobus Picard, Gerardina Picard en Emond Picard voornoemd. Dat der supplianten ouders om gewichtige redenen hun daartoe gepermoveerd in dato den 4e november 1771 gemaakt hebben een testament, waarbij dezelve alle hunne goederen, zoo lheenen als allodiaale etc., deelbaar verklaard hebben en voor de bewaring der portie welke Jacobus Picard zoude te deel vallen ten behoeve van deszelfs kinderen gezorgd hebben, uti sub A. Dat die dispositie na overlijden van den vader Peter Picard reeds een groot misnoegen aan gemelden zoon Jacobus Picard had gegeeven zodanig, dat hij van zijn moeder heeft geëijscht bij bezating staat en inventaris van 's vaders nalaatenschap. Welke ook door haar geformeerd en ten comptoire deezes Ampts is ingedient. Waarteegens door hem is gedient van straffe en door rendante van contrastraffe, dog hij Jacobus Picard tot heden heeft geomitteerd te dienen van solutie en dus deeze proceduure alnog onvoldongen is. Dat na overlijden van de moeder door eerste suppliant Emond Picard, die bij zijne moeder ingewoond hebbende, ook na haar dood in de directie van den boedel gebleeven is, aan Jacobus Picard meede niet min vriend- dan gerichtelijk is afgevraagd, of gezind was zig onderling te vergelijken en t' zamen der ouders boedel te redden en volgens 't testament te deelen, of daartoe wegneeming van alle differenten een of meer onpartijdigen aan te stellen, ten minste om bij provisie erfhuis van het gereede te doen houden om met de penningen de schulden, lasten en ongelden des boedels, zoo ver strekken, te betaalen. Doch dat daarop door hem dubieus andwoord gegeeven en eerst een opgaaf of staat van den boedel geëijscht is, uti sub B en C. Reden waarom de supplianten genoodzaakt worden zig aan haar hoogwelgeboorens te addresseeren en verder doen remonstreeren, dat in val den boedel in die situatie blijft als dezelve is, het meeste van dien ten verderve gaat tot merkelijk nadeel en praejudicie der geïntresseerdens. Dat de appelen en peeren in de boomgaarden, mitsgaders de naweide der weilanden als anders noodzakelijk binnenkort zullen moeten verkogt en verpagt worden. Dat het ook van de supplianten niet kan gevergd worden de gereede goederen verder te bewaren, nog hunne affaires zulks toelaaten. Dat het interest van den boedel vorderd, dat die hoe eer hoe liever bij openbaar erfhuis verkogt en daarmede de eerste en dringenste crediteuren betaald worden om verdere kosten en schaden des boedels voor te komen, welke daarmeede bedreigd worden, onder anderen te zien sub G. En voor welke praetensie supplianten geïnformeerd zijn, dat reeds bezaath gedaan is. Dat ofschoon eerste suppliant, als bij zijn ouders ingewoond hebbende, in de directie van dien boedel gebleeven is, hij egter niet kon resolveeren die en andere verkoopingen en verpagtingen te doen, zonder dat zijn voornoemde broeder daarin meede consenteerde, of hij suppliant daartoe geauthoriseerd was. Dat supplianten om met dien hunnen broeder alnog den minnelijken weg in te slaan en alle verdere onkosten zoo mogelijk te menageeren, hem op den 8 julij laatstleden zijn consent nog hebben laaten afvragen, met bijvoeging dat het alles konde geschieden ongepraejudicieerd eens ieders goed hebbend regt en zodane actie als hij zoude willen institueeren. Welke supplianten zoude afwagten, dog alleen om alle nadeel en schade des boedels door het niet verkoopen der goederen staande te vallen, voor te komen. Doch almeede tevergeefsch, hebbende daarop niet dan een debieus andwoord afgegeeven, waarin van momboirs die over zijne kinderen gesteld zijn gewag gemaakt, ut sub H. Dan waaromtrent de supplianten alnog ignorant zijn en daarvan nog geen kennis hebben. Terwijl dit alles tot den doorslaande blijk is, dat hij Jacobus Picard niet gezind is het voordeel des boedels te behartigen en in het verkoopen dier goederen, tot merkelijk nadeel en schade staande, te consenteeren. Niettegenstaande zulks, als boven gebleeken is, ten meesten voordeele des boedels zou wezen, ongepraejudicieerd eens ieders regt, kan en tot betaaling der schulden noodzaakelijk behoord te geschieden, en daar er zijn minderjaarige kinderen bij zijn geïnteresseerd, zulks naar regten het gevoeglijkste zijn zou. Gelijk hij ook niet menageert te zeggen en nog onlangs aan de ondergeschrevenen hem daarover en om alle questiën in der minne te schikken onderhoudende, gedeclareerd heeft liever te willen gaan bedelen dan ietwes over te geeven of ergens toe te consenteeren. Terwijl hij ook niet nalaat telkens in het sterfhuis te koomen en daar te blijven, almede tot merkelijk praejudicie en nadeel der overige erfgenamen, ten wiens nutte het zoude zijn, dat de geheele huishouding hoe eer hoe liever opgebrooken en geëindigd en het huis en weilanden zelfs bij provisie verpagt wierde. Om al hetwelke supplianten verzoeken, dat haar hoogwelgeboorens bij appoinctement in margine deezes den eersten suppliant gelieven te authoriseeren om alles des boedels gereede goederen bij openbaar erfhuis te doen verkoopen, voorts de verpagting der weide, huis, mitsgaders de verkoping der fruitgewasschen en verder wat meer tot nut van den boedel zou zijn te doen, en met de penningen daarvan provenieerende de schulden des boedels, zoo ver strekken kunnen, te betalen, mits gehouden blijft te doen rekening, bewijs en reliqua, alles ongepraejudicieerd een ieders welhebbend recht. Of dat haar hoogwelgeboorens omtrent het een en ander tot redding des boedels zodanig zullen gelieven te ordonneeren als naar gelegenheid zullen oordeelen tot nut en beste van de samentlijke erfgenamen te behooren.

Haar hoogwelgeboorens hierop gehad, geleezen en geëxamineerd hebbende het berigt van Jacobus Peterse Picard, hebben goedgevonden den eersten suppliant Emond Picard, en met en nevens denzelve de voogden van de minderjarige kinderen van Jacobus Peterse Picard, Albert Bongers en Sander van Eck, te authoriseeren, gelijk geschied bij deezen, om alle des boedels gereede goederen bij openbaar erfhuis te doen verkopen, voorts de verpagting der weide en van het huis, mitsgaders de verkoping der fruitgewasschen publiek ingevolge praescript landrechtens te doen, mits stellende behoorlijke cautie voor de daarvan provenieerende penningen, ofte dezelve ten comptoire deezes Ampts te consigneeren. Voorbehoudens een ieders welhebbend recht, en blijvende gehouden te doen behoorlijke rekening, bewijs en reliqua. Actum den 22 julij 1783.
Ter ordonnantie van haar hoogwelgeboorens.
Geteekend, Alexander Diederik van Omphal in deeze geauthoriseerd als gerichtschrijver bij indispositie van den origineelen gerichtschrijver.

Verleezen requeste van Gerrit van Wees, inwooner tot Heusden, te kennen geevende, dat suppliant lange jaaren aan den anderen is geweest en nog is pagter van het Kloostergoed te Heusden, genaamt den Hoofdakker en het Nieuwe Zand. Dat die pagt van 't gemelde land in betaald aan Dirk van Eldik als rentmeester en door hem en andere pagters altoos een jaar ten agteren is gebleeven om redenen daarbij vermeld. Dat gemelde rentmeester is komen te overlijden, deszelfs zoon Gerrit van Eldik in voorschreven qualiteit thans die uitmaaning doet. Dat gemelde Gerrit van Eldik van hem als voorpagter van voorschreven goederen het jaar 1782 komt te vorderen en ten vollen wil betaald hebben, den gemelde van Wees van de gebruikers geen geld over voorschreven jaare kan bekomen, omdat de betaaling daarvan altoos een jaar ten agteren is geweest. Verzoekende haar hoogwelgeboorens gelieven te accordeeren, dat die gebruikers het agterstedige jaar aan suppliant als voorpagter moeten betaalen en anders gerichtelijk verbod doen om de goederen niet te gebruiken, indien zij, na 't verbod gedaan te hebben, in een vierendeel jaars haar agterstedig jaar niet betaalen, suppliant zulks mag verkoopen of aan zig houden, of zoo als haar hoogwelgeboorens zullen oordeelen te behooren.

Haar hoogwelgeboorens hierop gehad, geleezen en geëxamineerd hebbende het berigt van den rentmeester der geestelijke en vicarijegoederen Gerrit van Eldik, hebben, genoegen neemende met het berigt, dientengevolge goedgevonden en verstaan, dat suppliant gehouden zal zijn op den bij de pagtsconditie gepraefigeerde termijn jaarlijks de verschulde pagt te betaalen. Renvoijeerende den suppliant verders ten behoorlijken regten, indien teegens andere pagters eenige actie vermeende te hebben. Ter ordonnantie van haar hoogwelgeboorens.
Geteekend, Alexander Diederik van Omphal in deeze geauthoriseerd als gerichtschrijver bij indispositie van den origineelen gerichtschrijver.
×
SERVICE
Contact
 
Vragen