Fragment
"Toen we in zijn woning terugkeerden, waren onze irritaties enigszins geluwd en was een normaal gesprek weer mogelijk. We waren beiden moe en ik lag languit op de bank. Klaus zat in de fauteuil enkele aantekeningen te lezen die hij uit een lade had gehaald, waarin hij ook een serie externe harde schijven had liggen.
Onverwacht ging de bel. Ik schrok ervan. Klaus keek me even aan en haalde z'n schouders op. Hij sprong op uit de stoel, liep naar de kast en sloot snel de la. Daarop verliet hij de kamer.
Ik hoorde hem de voordeur ontgrendelen. Er klonken plotseling enkele harde knallen en ik zag hoe op twee plaatsen de kamerdeur versplinterde rondom kleine gaatjes. Ik hoorde Klaus kreunen en besefte toen pas dat het om pistoolschoten ging. Opnieuw werd er geschoten en twee luid schreeuwende mannen met rode bivakmutsen stormden de kamer binnen. Terwijl één van de mannen de studeerkamer inliep kwam de andere mijn kant op.
'Du wirst sterben!´ beet hij me toe."
×