€ 17,95

ePUB ebook

niet beschikbaar

PDF ebook

niet beschikbaar

Rivercoach

Anna de Blok • boek • paperback

  • Samenvatting
    1969 - Julia’s 13e verjaardag slaat diepe wonden. Ze raakt betrokken bij een ernstig misdrijf en draagt dit geheim jarenlang met zich mee.

    2002 - Paniekaanvallen en flash-backs beheersen Julia’s leven. Op advies van een vriendin bezoekt ze de Rivercoachpraktijk. Tijdens een bizarre sessie wordt haar een glasharde spiegel voorgehouden.

    Dan ontmoet ze John, een Britse oorlogsjournalist. Er slaat een vonk over, maar zijn beloofde telefoontje blijft uit. Een collega vindt hem weken later zwaargewond in een ziekenhuis in Jemen. Tegen het dringende advies van haar coach in vliegt ze naar Johns appartement in Londen.
  • Productinformatie
    Binding : Paperback
    Distributievorm : Boek (print, druk)
    Formaat : 145mm x 210mm
    Aantal pagina's : 252
    Uitgeverij : Uitgeverij Tousain
    ISBN : 9789081651004
    Datum publicatie : 11-2017
  • Inhoudsopgave
    niet beschikbaar
  • Reviews (9 uit 2 reviews)

    10-11-2017
    Spannend!
    Heb Rivercoach in twee keer uitgelezen, het was zo spannend dat ik voor het slapen niet verder durfde lezen. De volgende dag in een adem het laatste deel gelezen. Een echte aanrader, met sympathieke personen voor wie je hoopt dat het goed afloopt!

       Goede plot,
       nodigt uit tot verder lezen

    Geplaatst door uit Amstelveen
    Waardeert het boek met een 9 uit 10


    10-11-2017
    Aanrader!
    Prachtig verhaal, leest in een adem uit. Knap hoe alle gebeurtenissen uit de verschillende tijdlijnen samenvallen in een bijzonder spannend plot. Aanrader!


    Geplaatst door uit Zuid-holland
    Waardeert het boek met een 9 uit 10

€ 17,95

niet beschikbaar

niet beschikbaar

3-5 werkdagen
Veilig betalen Logo
Retourneren binnen 14 dagen*
Deel via 

Fragment uit het boek

Geconcentreerd parkeerde Julia Sanders haar auto exact in het midden van een onnatuurlijk wit grindbed, rechts van een vrijstaande villa. Parkeerplaats nummer een, omzoomd door symmetrische taxushaagjes. Vak twee en drie waren keurige kopieën, elk met een metalen bordje met daarop het Rivercoach-logo. Wat afwezig wierp Julia een blik op de sombere beplanting. Waarschijnlijk giftig dacht ze en na een lichte aarzeling stapte ze uit. Er hing iets onaangenaams in de lucht. De hoge dennen rondom het perceel keken mistroostig op haar neer en het pad naar de imposante, glazen deur dwong haar op de een of andere manier een middellijn aan te houden. Haar hakken tikten luid op de zware, granieten tegels en ze probeerde wat zachter te lopen.
Vreemd, een koude wind leek dwars door haar rode trenchcoat te waaien. Het was pas eind augustus en thuis had het nog vrij zacht geleken. Julia rilde en vertwijfeld nam ze het gebouw en de omgeving in zich op. Als dit adres haar niet was aangeraden door haar vriendin Judith, dan had ze zich nu vastbesloten omgedraaid. De strakke, donkergrijze villa en de tot op de millimeter gecontroleerde tuin voelden onnatuurlijk en ongastvrij aan.
Links van het gebouw fladderde verschrikt een vogel op. Ook daar drie parkeervakken, maar dan gespiegeld. De eigenaar had duidelijk een voorkeur voor symmetrie en haar geparkeerde auto leek in dit alles een ongewenste vreemdeling.
Even bleef ze staan. Het geheel had wel iets van een mortuarium. Op de begane grond ontbraken de ramen en op de eerste etage leken de ruiten vrij donker. Julia zuchtte. Het hele idee van een coach stond haar behoorlijk tegen, maar een neef van Judith, een getalenteerd project-
manager, had zich op dit adres hervonden na de dood van zijn vrouw.
‘De Rivercoach-praktijk onderscheidt zich door een briljante manier van werken,’ had hij haar vriendin vol overtuiging verteld. ‘Wel met een behoorlijk uurtarief, maar de investering zeker waard.’
Met een gespannen blik zochten Julia’s lichtbruine ogen tevergeefs naar een deurbel. Onnodig bleek. Met een zachte klik werd het slot automatisch ontgrendeld en geruisloos schoof de glazen deur voor haar open. Aarzelend stapte ze naar binnen. De entree voelde warm aan en de
tegels hadden plaatsgemaakt voor een donkergrijs tapijt. De comfortabele aanblik werd echter direct teniet gedaan door de wanden en het hoge plafond. Deze waren bekleed met een staalblauw, reflecterend materiaal.
Wat besluiteloos bleef ze staan. Niemand te zien of te horen. De beklemmende stilte werd enkel doorbroken door haar eigen, veel te snelle ademhaling. Wat verbaasd richtten haar ogen zich op het eindpunt van de lange gang voor haar. Deze liep helemaal door tot aan de achterzijde van de villa en ze zag daar eenzelfde, glazen deur als bij de entree. De toegang tot een tuin misschien, al leek het er erg donker. Duister licht aan het einde van de tunnel dacht ze met een wrang lachje en ze probeerde de lengte van de gang in te schatten. Het moest zeker twintig meter zijn. Het gebouw was behoorlijk diep.
Nog steeds geen levensteken. Zag iemand haar hier ondertussen staan aarzelen via camerabeelden elders in het gebouw? Ze knoopte haar jas los en wachtte nog even. Doodstil bleef het en ze besloot om maar door te lopen.
Halverwege kruiste een smallere gang haar pad. Een metalen bordje met Rivercoach wees met een pijl naar links. Opgelucht volgde Julia de aanwijzing en aan het eind van de gang vond ze een kleine, open ruimte. Was het een wachtkamer? Twee zwartleren fauteuils tegen een witte achterwand en daartussen een lage, metalen tafel. Rechts een verchroomde, staande kapstok en verder niets. De gebruikelijke lectuur, informatiefolders en wanddecoraties ontbraken. Aan weerszijden van het zitje twee hoge deuren en nergens een raam.
Julia ontdeed zich met tegenzin van haar jas en met een vermoeid gebaar streek ze een donkerbruine lok naar achteren. Een korter kapsel zou wat meer eigentijds zijn misschien, maar haar kapper had haar dit
afgeraden. ‘Vrouwen neigen in een mindere periode vaak naar een te resolute verandering.’ Zijn ogen hadden haar via de spiegel bezorgd aangekeken.
Na een blik op haar horloge zag ze dat ze ruim op tijd was en met haar tas op schoot nam ze plaats. Ze sloot haar ogen en probeerde zich wat te ontspannen, maar iets leek haar af te leiden. Verbaasd hield ze haar hoofd even schuin. Vreemd… uit de wanden leek een zacht, kabbelend geluid te klinken. Had ze dit niet eerder opgemerkt of had haar binnenkomst dit fenomeen in werking gesteld? Ze sloot haar ogen opnieuw, maar al na een paar seconden gaf ze het op. Een chaotische gedachtenstroom stevende hardnekkig af op een klamme paniekaanval. Dit was al de derde keer in een paar dagen. Ze moest hier echt van af zien te komen, met wat voor coach dan ook.
Haar blik dwaalde ondertussen onderzoekend door de ruimte en met gefronste wenkbrauwen probeerde ze zich een beeld te schetsen van de haar zo dringend aanbevolen hulpverlener. Veel tijd kreeg ze daar niet voor. Als vanuit het niets stond hij daar. Klein, onooglijk en mager. Ze had de deur niet gehoord en verbaasd keek ze in twee lichtgrijze, indringende ogen, die haar vanachter dikke brillenglazen onbeweeglijk observeerden. De blik had iets kouds, als van een reptiel. Boven de metalen bril leek zijn fletse haar vanuit een messcherpe middenscheiding aan zijn schedel geplakt. Onbeweeglijk stond hij daar, met zijn armen slap langs zijn kleine lijf in een zwart maatkostuum met daaronder een dunne, witte coltrui.
Julia sloeg beschaamd haar ogen neer. Ze had hem ongetwijfeld te lang aangestaard. Ondertussen had hij haar aan eenzelfde kritische blik onderworpen. Een intelligente en knappe vrouw. Beschadigd, met een goed getraind masker.
Julia maakte aanstalten om op te staan, maar het geluid van zijn geïrriteerde stem leek haar te bevriezen. ‘U bent veertien minuten te vroeg!’ Totaal overrompeld dook ze wat ineen. Was deze nijdige dwerg met de sonore stem van een Amerikaan haar coach? Ze rechtte haar rug en antwoordde hem dat ze graag op tijd had willen zijn.
‘Te vroeg, op tijd en te laat zijn drie verschillende eenheden, mevrouw Sanders. U ziet mij zo terug, op de afgesproken tijd.’ Het woord afgesproken sprak hij uit met een overdreven nadruk en een overslaande stem. Julia hapte naar adem.
Was haar dit een jaar geleden overkomen, dan had ze dit driftige mannetje direct verteld wat ze van dit onsympathieke machtsvertoon vond. Maar vorig jaar was niet nu. Julia was al tijden zichzelf niet meer. De zelfbewuste vrouw van weleer leek te zijn ingeruild voor een zorgelijk en gedeprimeerd persoon, waarin ze zichzelf niet meer herkende.
Achtenveertig was ze nu en tot voor kort had ze als directeur-
eigenaar aan het hoofd gestaan van een goedlopend accountantskantoor. Wat was er misgegaan? Het plezier in haar werk was geleidelijk aan weggeëbd en aansluitend het plezier in bijna alles. Uitgeput was ze en een groot deel van de dag woede er een beangstigende storm in haar hoofd met haarscherpe beelden, die steeds wisselden van tijd en plaats. Fragmenten uit haar jeugd vertoonden zich met eenzelfde helderheid als de gebeurtenissen van gisteren. Vooruitkijken leek niet meer te lukken en de controle over haar gedachten stroomde steeds vaker als los zand door haar vingers.
De deur opende zich opnieuw en het wonderlijke figuur stapte nu rustig op haar af met een blik alsof hij haar voor het eerst ontmoette. Beleefd gaf hij haar een hand. ‘Welkom, mevrouw Sanders, volgt u mij.’ Snel stond ze op, want hij had zich na zijn woorden direct omgedraaid. Met snelle, korte stappen ging hij haar voor en bijna terug bij de entree opende hij een deur voor haar. Julia wierp een blik naar binnen en zag een praktisch lege, witte ruimte zonder ramen. In het midden een witte tafel met daarachter een hoge, zwarte bureaustoel. Op de tafel een wit beeldscherm, een muis en een toetsenbord. Op een metalen dienblad een flesje water, een glas en een doos tissues.
‘Het is de bedoeling dat u hier naar binnen stapt en plaatsneemt op de stoel.’ Zijn stem leek van ver te komen en snel voldeed ze aan zijn verzoek. Hoelang was ze zo op de drempel blijven staan… Ook hier weer dat vreemde, kabbelende geluid dat haar afwisselend kalmeerde en op haar zenuwen werkte.
Ze installeerde zich achter de tafel en aandachtig staarde ze naar het scherm. In het midden deinde het Rivercoach-logo zachtjes op en neer. Eronder een startknop en erboven een klokje. ‘U heeft straks precies vijftien minuten om het inschepingsprogramma naar behoren te doorlopen. Na afloop neemt u weer plaats in de wachtruimte. Daar heeft u vervolgens een pauze van tien minuten en tot slot zal het
visualisatiegedeelte plaatsvinden.’ De wijsvinger van een soort verouderde kinderhand wees naar het klokje op het scherm.
‘Ik verzoek u dringend uw tijd niet uit het oog te verliezen.’ Julia knikte en nerveus probeerde ze alle informatie goed in zich op te nemen. Behoedzaam schoof ze ondertussen de muis wat heen en weer en tot haar opluchting zag ze hoe haar coach zich omdraaide om de ruimte te verlaten.
Ze moest van start met het programma en ze wist niet of ze moest lachen of huilen. Hoe sneller dit voorbij was, hoe beter. Met een diepe zucht, gevolgd door een muisklik, waagde ze de sprong in het diepe. Het logo verdween en uit de zeegroene achtergrond doemden onder elkaar drie woorden op. Verleden, Heden en Toekomst. Het middelste woord knipperde langzaam aan en uit.
Even aarzelde Julia, maar het klokje tikje door. Snel klikte ze op Heden en direct verscheen de eerste vraag; Welke gevoelsmatige weersomstandigheden corresponderen met uw heden? Daaronder diverse, gekleurde pictogrammen voor temperatuur, wind, licht, regen, wolken en mist. Snel klikte Julia de meest relevante plaatjes aan.
Nieuw scherm; Kies het vaartuig dat het meest bij u past. De ruime keuze uit meer dan dertig vaartuigen, van oceaanstomer tot roeiboot, kostte haar weer de nodige seconden. Met een gespannen blik klikte ze op een middelgroot zeiljacht.
Wie bevinden zich momenteel bij u aan boord? Plaatjes van mannen, vrouwen en kinderen en het cijfer nul. Met het aanklikken van de nul overviel haar een pijnlijk gevoel van eenzaamheid.
Ontvangt u gasten aan boord? Weer de reeks figuurtjes. Julia dacht aan haar vriendin Judith en klikte op een vrouwtje. Aan andere mensen had ze de laatste tijd weinig behoefte.
Neemt u boten op sleeptouw? Ze dacht aan haar vader en koos een kleine sloep, al vond ze het woord sleeptouw niet echt op zijn plaats. Ondanks zijn dementie had ze met hem nog een sterke en innige band. Op eenjarige leeftijd was ze haar moeder verloren en hij was er altijd voor haar geweest.
Ze moest opschieten. Haar beschikbare tijd was inmiddels gehalveerd. Geconcentreerd verhoogde ze het tempo. Een hele reeks verdere vragen en scheepstermen passeerden de revue en net binnen de tijd klikte ze met ingehouden adem het laatste plaatje aan; een rusig door riet omzoomd zijstroompje.
Daar was het logo weer. Het inschepingsprogramma was afgerond en wat minder gedeprimeerd dan bij aankomst liep Julia terug naar de wachtkamer. Aan de kapstok zag ze daar tot haar verbazing een plastic regenjas, compleet met zuidwester. Was er inmiddels nog een cliënt? Ze onderdrukte een glimlach en vroeg zich af wie er net in zo'n felblauwe outfit was gearriveerd. Het was wat fris, maar verder toch een droge dag. Misschien een fietser.
Weer dat watergeluid uit de wanden. Julia merkte dat ze dorst had, maar ze durfde niet terug te lopen naar de ruimte met de computer. Het geluid leek wel aan te zwellen en met het verstrijken van de minuten voelde ze zich steeds minder op haar gemak. Wat stond haar hier verder nog te wachten? Zou ze straks liggend op een divan haar levensverhaal moeten doen, onder de starende blik van dat eigenaardige mannetje? Een absurd idee. Over een aantal ingrijpende gebeurtenissen zou ze sowieso moeten zwijgen.
Nauwlettend hield ze de deur in het oog. Ze zou zich niet voor een tweede keer laten verrassen. Ondertussen dwaalden haar gedachten af naar Judith. Wat had zij haar verder nog verteld over deze praktijk en over haar neef? De deur zwaaide open en krampachtig onderdrukte ze een gil van verbijstering. De kleine man verscheen in eenzelfde regenoutfit als die aan de kapstok. De plastic jas reikte bijna tot aan zijn enkels en de zuidwester bedekte de helft van zijn bril. ‘U bent nog niet gekleed zie ik!’ Weer die zwaar geïrriteerde ondertoon. Hij draaide zich om en met zijn rug naar haar toe bleef hij bewegingsloos staan wachten. Verontwaardigd worstelde Julia zich in het stugge plastic en met als laatste strohalm de positieve woorden van Judiths neef, zette ze de zuidwester op haar donkere haar.
In de gang klonken de watergeluiden inmiddels als klotsende golven tegen een kademuur. Het blauwe plastic plakte onaangenaam om haar lijf. Gingen ze naar buiten? De coach beende voor haar uit en zonder haar aan te kijken hield hij vlak voor het kruispunt van de twee gangen een deur voor haar open. In een kleine boog stapte ze om hem heen, vanuit het felle licht de schemer in. Als aan de grond genageld bleef ze staan. ×
SERVICE
Contact
 
Vragen
Volg ons op pijl