Fragment
Fragment: De slag om het hart
Het was zaterdagmorgen. De zon viel zwak door de zolderramen terwijl Rosalie in stilte de was vouwde. Het huis was kalm, bijna onnatuurlijk stil. Joshua lag nog te slapen, na een avond bij vrienden. Hij had gedronken, misschien ook drugs gebruikt — zoals vaker, als de avond te druk werd.
Normaal hoorde je hem in de ochtend nog rommelen op zijn kamer, muziek zachtjes op de achtergrond. Maar nu… niets. Alleen dat vreemde geluid. Een soort geratel, alsof het laatste slurpje van een milkshake werd opgezogen.
Rosalie hield haar handen stil boven een stapel handdoeken. Ze luisterde gespannen. Het geluid was alweer weg. Misschien iets op zijn computer? Ze schudde haar hoofd, zuchtte zacht. Nog een keer klonk het.
Voorzichtig zette ze de mand neer en liep naar beneden, door de tuin, naar de schuur. De frisse lucht verlichtte haar onrust nauwelijks. Haar blik ging naar het huis. Wat was dat geluid?
Op de terugweg naar boven was het stil. Té stil. Ze opende de deur van Joshua’s kamer — en haar hart kromp ineen.
×