€ 15,00

ePUB ebook

niet beschikbaar

PDF ebook

niet beschikbaar

Te midden van het kwaad

Jack Bügel • Boek • paperback

  • Samenvatting
    In dit boek wordt beschreven hoe uiteindelijk een gezin uiteenvalt. Er worden door de hoofdpersoon nog allerlei pogingen ondernomen om de gezinsband te herstellen, maar het is te laat. Er is uiteindelijk onderling geen contact meer. Na meer dan dertig jaren kan het gebeuren dat je elkaar niet meer spreekt en dat eenieder zijn eigen weg lijkt te gaan. En dat komt vooral door dat er weinig gesproken werd met mijn broers en mijn zus en onze ouders over de situatie van de scheiding en hoe ieder van ons zich erbij voelde. Uiteindelijk gaan de wegen uit elkaar, terwijl dat niet van tevoren te voorzien was. Het is een kwaad dat in de volgende generaties blijft voortwoekeren
  • Productinformatie
    Binding : Paperback
    Distributievorm : Boek (print, druk)
    Formaat : 145mm x 210mm
    Aantal pagina's : 183
    Uitgeverij : Niet bekend
    ISBN : Niet bekend
    Datum publicatie : 10-2016
  • Inhoudsopgave
    Inhoud
    Voorwoord 5
    Niets nieuws onder de zon 10
    De opmaat voor een ramp 13
    Een gedwongen huwelijk 18
    Een dramatisch huwelijk 23
    Het drama van Delfzijl 28
    De scheiding 40
    Opbloeien in de stad Groningen 63
    Voor de tweede keer getrouwd 88
    Naamswijziging 96
    Dienstplicht en loopbaan 101
    Mijn huwelijk 111
    Het gezin valt uiteen 124
    De breuk in de familie wordt onoverbrugbaar 146
    De nasleep 163
    Vervreemding 172
    Het komt niet meer goed 179
    Nawoord 182
  • Reviews (0 uit 0 reviews)

€ 15,00

niet beschikbaar

niet beschikbaar

3-5 werkdagen
Veilig betalen Logo
14 dagen bedenktermijn
Delen 

Fragment

Hoofdstuk 12
Het gezin valt uiteen.

Hoe is het toch zo gekomen dat ik geen contact meer heb met mijn oudste broer en zus? En dat er evenmin contact meer is tussen mijn oudste broer en zus en mijn moeder en stiefvader? Het is een samenloop van omstandigheden en heeft ook te maken met een bepaalde geslotenheid die jaren haar gang heeft kunnen gaan. Hier wreekte zich het feit dat we als broers en zus nooit over de problemen hebben willen spreken. En onderhuids waren er allerlei processen aan de gang waarvan de een niet wist dat ze de ander bezighielden. We hebben alles voor onszelf gehouden en er met elkaar nooit een inhoudelijk gesprek over gevoerd. We wisten van elkaar niet wat ons bezighield en hoe we in het leven stonden. Het was lachen, gieren en brullen van de pret, maar ondertussen broeide er onderhuids van alles. We waren allemaal getrouwd en leefden ogenschijnlijk een normaal leven. Alle vier waren we maatschappelijk geslaagd en we hadden ons werk en andere bezigheden. Het leek allemaal te mooi om waar te zijn. Het verleden van de scheiding en de jaren zonder contact met onze vader leken ons leven niet te deren. Na onze naamswijziging hadden we de draad van het leven opgepakt en alles ging zijn gewone gang. De contacten leken prima en regelmatig vierden we met elkaar onze verjaardagen en we gingen gewoon als broers en zus met elkaar om. Ook met mijn moeder en stiefvader waren de contacten zeer goed en er leek geen vuiltje aan de lucht. Iedereen was tevreden en leefde zoals men het graag zou willen. Was het allemaal bedrog? Was het allemaal een fata morgana, iets wat helemaal niet bestond? Ik kan me werkelijk niet voorstellen dat het een schijnwereld was waar ik in leefde. Een luchtbel, die uiteengespat is. Een omgang die niet gegrond was op liefde en respect, maar op argwaan en achterdocht. Het was een zoeken naar het ogenblik dat ieders ware aard naar buiten kwam, een ontsnapping aan een jarenlange knellende band waar mijn oudste broer en mijn zus zich van wilden bevrijden. Iets waar ik helemaal niets van snapte, en nog steeds heb ik geen enkel idee wat er werkelijk gebeurd is. Voor mij kwam het als een donderslag bij heldere hemel. Dat het zo abrupt over en uit was en er tot op de huidige dag geen enkel contact meer mogelijk is. Om een en ander toch duidelijk te krijgen zal ik proberen het geheel te reconstrueren om de waarschijnlijke oorzaken van het verbroken contact en de navenante gevolgen daarvan op een logische wijze op een rijtje te krijgen.
Het is begonnen in het jaar 2000, op de dag dat de moeder van mijn moeder negentig jaar werd. Dat werd groots gevierd met de hele familie in een restaurant. Tijdens het eten vertelde mijn oudste broer dat hij mailcontact had met onze halfzus, die op zoek was naar haar halfbroers en halfzus. Natuurlijk was het voorstelbaar dat ze graag met ons in contact wilde komen. Mijn broer wilde de mail wel naar mij toe sturen. Ik reageerde negatief en vertelde hem dat ik daar niet op zat te wachten en geen enkel contact met die familie wilde. Het was rustig in ons gezin en dat wilde ik zo houden, wetende dat mijn vader een sluwe vos was die wel zijn haren verloren was, maar zeker niet zijn vervelende streken. Achteraf had mijn broer waarschijnlijk al langere tijd contacten met de familie van mijn vader. Bij ons thuis werd dat gesprek over wel of geen contact met mijn vader en zijn familie vermeden. Voor mijzelf stond gewoon vast dat ik geen enkel contact wilde, aangezien het verleden dat nog in mijn geheugen gegrift was, geen enkele aanleiding gaf om contact te hebben met mijn halfzussen, laat staan met mijn vader.
Het is van 2000 tot en met 2005 stil gebleven rond dit onderwerp en mijn broer is er nooit meer over begonnen. Zelf heb ik er nooit meer bij stilgestaan dat de contacten tussen mijn broer en de familie van mijn vader stilletjes al jaren bestonden.
In 2005 werd bij mijn moeder volgens het ziekenhuis in Groningen (AMCG) een TIA geconstateerd. Heel vervelend en ook nog op de dag dat ze haar zestigste verjaardag vierde. Ze is op de avond na het feest met grote spoed in het ziekenhuis opgenomen, terwijl mijn vrouw en ik al weer op weg naar Gouda waren. In die periode na het herstel van de TIA constateerden wij bij onze moeder ook een verandering in gedrag en karakter. Ze was snel emotioneel en erg geprikkeld en soms uitte ze zich agressief. Mijn oudste broer belde mij op een zondagmorgen op en stelde toen al vast dat mijn moeder dementieverschijnselen vertoonde. Mijn zus was daar ook sterk van overtuigd en ik was met stomheid geslagen. Vooral de stelligheid waarmee ze dat zeiden en dat ze zonder enig onderzoek deze toch ernstige ziekte bij onze moeder constateerden, vond ik nogal tendentieus. Ze wilden graag een gesprek met de huisarts en hem de mogelijkheid voorleggen om mijn moeder te laten onderzoeken. Mijn stiefvader werd enorm onder druk gezet om ook met Team290 te spreken over dat eventuele onderzoek. Team290 heeft zich gespecialiseerd in het onderzoeken, diagnosticeren en begeleiden van dementen en hun mantelzorgers.
We hebben gesprekken gevoerd met Team290 om een beeld van haar te geven, op grond waarvan ze onderzoeken bij haar konden gaan starten. Uit deze onderzoeken, in het jaar 2005, 2006 en 2008, kwam steeds een duidelijk waarneembare achteruitgang naar voren en uiteindelijk concludeerde het onderzoeksteam dat het FTD was.
Fronto-temporale dementie is een ingrijpende ziekte die gekenmerkt wordt door gedragsveranderingen en taalstoornissen. Het is ook ingrijpend voor de familie en het sociale leven van de patiënt in het algemeen. Het kan soms lang duren voordat er een diagnose gesteld wordt omdat de symptomen kunnen lijken op die van andere aandoeningen. Er is helaas geen medicijn om FTD af te remmen en doordat de ziekte vrij zeldzaam is, is ze moeilijk te herkennen. Het komt relatief veel voor bij mensen jonger dan 65 jaar.
Het was een verpletterende uitslag, vooral voor mijn moeder. Haar wereld stortte compleet in. De toekomst zag er voor haar somber uit en de omgang met mijn moeder werd heel lastig. Ze was snel emotioneel, erg geprikkeld en soms ook agressief. Ik kan me goed voorstellen dat je in een dergelijke situatie nergens meer zin in hebt en alleen maar bezig bent met de vraag hoe het allemaal verder moet. Het is niet te verdragen dat je een kasplantje gaat worden, totaal afhankelijk van anderen, en dat je van de wereld niets meer weet. Een vreselijk vooruitzicht.
Regelmatig ging ik erheen om bij mijn moeder te zijn. Dan ging ik met haar een rondje rijden of wandelen. We deden gezellige dingen om de aandacht af te leiden en om mijn moeder ook plezierige momenten te bezorgen. Mijn beide broers en mijn zus hadden ook het voornemen regelmatig langs te gaan en een helpende hand te bieden, maar vooral ook om mijn moeder gezelligheid te geven. Er werd zelfs een rooster samengesteld zodat we niet tegelijk bij haar waren, want dat zou te druk voor haar worden. Dat rooster heeft niet lang standgehouden. Mijn oudste broer liet het al snel afweten en mijn zus had regelmatig ruzie met mijn moeder. Er kwam verkilling en er ontstond onbegrip tussen mijn oudste broer en mijn zus en mijn moeder.
In 2007 zijn we als gezin met aanhang en kleinkinderen een lang weekend naar Texel geweest. Het was een akelig weekend. Mijn oudste broer en mijn zus deden lelijk tegen mijn moeder en maakten haar bespottelijk. Er was een vervelende sfeer, die niet van mijn moeder afkomstig was, maar van mijn oudste broer en mijn zus. Het was voor mijn moeder zo vernederend allemaal, en zo beledigend en denigrerend. Ik begreep helemaal niet wat daar nu de bedoeling van was. Gelukkig had mijn moeder het niet door en was ze enorm blij dat wij met zijn allen bij elkaar waren. Ze heeft ervan genoten. Maar zonder dat ze het wist ontstond er een verwijdering tussen haar kinderen die steeds groter werd en sluipenderwijs op een climax afstevende.
In het jaar 2008 liep het helemaal uit de hand. Inmiddels hadden mijn oudste broer en mijn zus weer contact met onze vader. Dat wil zeggen dat ze het verleden probeerden te verwerken. Ze wilden onze vader ter verantwoording roepen voor zijn gedrag van de afgelopen dertig jaar en de gevolgen daarvan voor henzelf. Ze hadden last van angsten en beelden in hun hoofd waardoor hun functioneren werd belemmerd. Met mijn zus en oudste broer heb ik hierover nooit gesproken. Wij bespotten onze vader alleen en maakten hem altijd belachelijk. Van angsten en vervelende beelden bij mijn oudste broer en zus had ik nog nooit iets gemerkt.
Ik heb nog wel telefonisch contact gehad met mijn zwager. Die had een wazig verhaal dat de beelden die je vroeger als kind had, vertekend kunnen zijn naarmate je ouder wordt. Je kijkt dan anders en vaak moet je dan beelden van vroeger bijstellen naar de werkelijkheid van nu. En dan zou het toch wel een heel ander plaatje worden. Mijn vader was nu een vriendelijke oudere man met wie eigenlijk wel te praten viel. Hij was ook ouder, wijzer en milder geworden. Ik diende hem stevig van repliek. Hoe zat het dan met het beeld dat ik van vroeger had dat mijn moeder in elkaar geslagen werd en dat mijn spaarrekening door mijn vader was leeggeroofd? En met het beeld dat mijn vader nooit iets om ons gaf en alleen maar lelijke verhalen rondstrooide? Hoe moest ik dat beeld bijstellen? Dat was toch niet mogelijk? Hem daarop aanspreken na al die jaren? Werd het geen tijd dat mijn vader daar zelf mee zou komen? Iets in de trant van: ’Jongens, wat ik toen allemaal uitgespookt heb was vreselijk, maar daar heb ik spijt van. Ik kan het niet meer goedmaken, maar zou je het mij kunnen vergeven?’ Dan was er een basis voor een gesprek geweest. Maar niet op deze manier.

De toon van mijn zwager aan de telefoon werd vervolgens dreigend. Hij zei dat als zij niet de vrijheid kregen om met onze vader te spreken, dat verregaande consequenties had. Het zou zelfs zo ver kunnen gaan dat de contacten met mijn moeder en stiefvader en met mij verbroken zouden worden. Die vrijheid eisten zij, ongeacht hoe het bij de familie zou vallen en welke prijs mijn zwager en zus ervoor zouden betalen.
Ze hadden regelmatig bijeenkomsten waarbij de dominee van mijn zus als een soort therapeut optrad. Het merkwaardige was dat deze predikant ook de pastorale vertrouwenspersoon van mijn ouders was. Hij speelde dus een dubbele rol. Uiteindelijk waren de gesprekssessies steeds meer gericht op het herstellen van de relatie met mijn vader. Aan mijn ouders werd ook even terloops medegedeeld dat mijn broer en zus met mijn vader gesproken hadden. Mijn zus zei tegen mijn moeder dat ze mijn vader links en rechts, figuurlijk gesproken, alle hoeken van het restaurant hadden laten zien. En dat ze hem heel goed duidelijk hadden gemaakt dat hij hun leven tot op zekere hoogte verwoest had.
Mijn moeder was sprakeloos. Gezien haar ziekteproces, dat op dat moment ongunstig verliep, was het heel onverstandig om haar dit verhaal te vertellen. Voor mijn moeder was het niet te bevatten en zij werd reddeloos achtergelaten. Want dat had ongetwijfeld gevolgen voor de relatie in het gezin. Ze konden niet zomaar gesprekken aangaan. Daar moesten ze ook mij en mijn jongste broer bij betrekken, en zeker ook mijn moeder en stiefvader. Dit konden ze niet in een select groepje laten plaatsvinden, want het ging het hele gezin aan. Ze moesten op zijn minst aangeven wat hen bezighield. En wat hen dreef om gesprekken met onze vader aan te gaan. Waar zaten ze precies mee? En hoe dachten ze hier een oplossing voor te vinden? Wat waren hun plannen en hoe wilden ze hun leven verder vormgeven? En hoe wilden ze de andere familieleden erbij betrekken? Allemaal legitieme vragen waar we voor geplaatst werden en waar we over moesten nadenken. En waar we met elkaar over in gesprek moesten. En daarin kon iedereen dan zijn eigen afweging maken en daar moesten we elkaar in respecteren. Nu was er alleen maar achterdocht en kwamen er verwijten. En onderling was er geen vertrouwen meer.
Op zaterdag 29 november 2008 hadden we een familiedag gepland. Het zou een leuke actieve dag worden, waar ook de kinderen van mijn broers gezellig aan mee konden doen. We gingen naar Groningen, naar mijn oude biologieleraar, die een eigen museum van opgezette dieren had. Werkelijk waar, je keek je ogen uit. Wat een soorten, en ook zo veel! En na de rondleiding zou er een creatief gedeelte zijn waarbij we met elkaar een groot doek gingen schilderen. Iedereen kreeg een minidoekje en al die doekjes samen zouden het schilderij vormen. Iedereen was dolenthousiast en het leek een mooie dag te gaan worden.
Maar in die week gebeurde er iets absurds in de familie: mijn oudste broer en zus zagen af van de familiedag. Mijn zus had nota bene die dag geregeld, maar met een mail naar de familie werd de hele dag afgezegd. Zonder enige reden blies mijn zus de dag af. Mijn moeder in groot verdriet en ik was stomverbaasd. Wat bezielde ons toch dat we niet meer gezellig een dag samen konden zijn?
Er had zich de zondag ervóór al een heel toneelstuk afgespeeld. Een dochter van mijn oudste broer was bij mijn zus aan het logeren. Mijn moeder vond het ook gezellig als ze na de kerk langskwamen op de koffie. Ze had wel zware hoofdpijn, maar de kleindochter was haar hartenlapje en door haar zou ze zienderogen opknappen. Mijn zus wilde eigenlijk niet langs mijn moeder, maar na lang aandringen zijn ze daar toch geweest. Dat liep op een grote ruzie uit, doordat mijn zus de confrontatie niet uit de weg ging. Uiteindelijk ging ze nog in redelijke harmonie naar huis.
Helaas kreeg deze ruzie bij mijn moeder en stiefvader thuis een vervelend staartje. Het is wel een vaag verhaal, waarin alles door elkaar heen loopt. In ieder geval zei mijn stiefvader telefonisch tegen mijn zus dat de sinterklaasviering niet kon doorgaan vanwege de laatste confrontatie. Mijn zus suggereerde dat het thuis bij mijn moeder en stiefvader niet goed ging en dat zij het idee had dat haar de schuld hiervan in de schoenen geschoven werd. Wat een kinderachtig gedoe! Mijn zus maakt ruzie met mijn moeder en gaat enigszins met een vervelend gevoel naar huis en daar zet zich die boosheid nog door en ze bedenkt een reden om mijn moeder een hak te zetten door de familiedag af te zeggen.
Mijn zus en zwager mailden ons op 25 november dat zij zich door de ontstane sfeer helaas moesten afmelden voor de familiedag. En een dag later, op 26 november, ontvingen we een mail met een korte uitleg over de ruzie, de sinterklaasviering en de familiedag. Er was geen touw aan vast te knopen. En de (klein) kinderen werden er ook bij betrokken. Een onzinnige mail, waarin niet de waarheid werd verteld. En er stond nog meer onzin in. Dat mijn jongste broer zich door al deze gebeurtenissen inmiddels ook had afgemeld. Het was natuurlijk mijn oudste broer die zich afmeldde, omdat hij zijn kinderen niet bij deze horror wilde betrekken.
De familiedag leek dus niet door te gaan, maar door een uiterste inspanning van mijn stiefvader ontvingen wij op 27 november tot onze verrassing een mail van mijn oudste broer, die de zaak afdeed als een kort gesprekje van hem met mijn stiefvader. Maar hij meldde dat hij en zijn gezin toch naar de familiedag zouden komen. Mijn oudste broer voelde zich kennelijk onder druk gezet door mijn stiefvader en was toch overstag gegaan. Bij nader inzien moest hij ook wel inzien dat het niet zo’n vaart zou lopen als mijn zus in haar mail van 26 november schreef. Zij en mijn zwager waren duidelijk niet te vermurwen en bleven vasthouden aan hun idee dat mijn moeder levensgevaarlijk was. Ze wilden natuurlijk niet toegeven dat ze er boos om waren dat ze zo door mijn moeder waren behandeld en niet van plan waren water bij de wijn te doen en probeerden de dag voor mijn moeder te verpesten. Dat is hun uiteindelijk niet gelukt. Het was een gezellige dag en mijn moeder heeft ervan genoten. Maar door de ontstane situatie verslechterden de verhoudingen in ons gezin enorm en er hoefde niet veel meer te gebeuren of de hele familie viel uit elkaar. Dat moment liet echter nog even op zich wachten.
Voor mij was het wel heel duidelijk dat er een bom onder de familie lag, die elk moment kon ontploffen. Er was sprake van achterdocht en argwaan. Er speelden zich onderhuids dingen af die ik niet kon weten. En ik kreeg de neiging om hier wat aan te doen. Het kon toch niet zo zijn dat gebeurtenissen van bijna dertig jaar geleden nu opeens een explosieve lading zouden gaan krijgen?
Op een zondagavond belde ik eerst mijn oudste broer en ik vertelde hem dat ik mij zorgen maakte over de onderlinge verhoudingen en dat het tijd werd een openhartig gesprek met elkaar te hebben. Het belangrijkste onderwerp zou voor mij dan de ziekte van mijn moeder zijn en de vraag hoe wij als kinderen haar en onze stiefvader zouden kunnen steunen. En we konden het ook hebben over de gesprekken die mijn oudste broer en zus met onze vader voerden. Hoe stonden wij daar als kinderen in, wat was nu precies de bedoeling van die gesprekken en wat voor rol speelde de dominee? En ik vond het ook wel belangrijk om ten minste te worden bij gepraat over de ontwikkelingen in de gesprekken die mijn broer en zus met mijn vader voerden. En hoe verliepen de contactuele verhoudingen met mijn halfzussen? En wat konden we nog meer verwachten? En ik stelde ook voor om het gesprek met hulp van een mediator te voeren. Dat kon helemaal geen kwaad, een neutraal persoon erbij die het gesprek begeleidde, want zelf was ik ervan overtuigd dat we er als kinderen onderling niet meer uit zouden komen. Mijn oudste broer stond er niet negatief tegenover om een gesprek met elkaar te hebben, maar hij wilde erover nadenken en met zijn vrouw overleggen. Daarna sprak ik mijn zus. Zij was minder positief en legde de nadruk op haar gezondheid. Zij vond de noodzaak ook niet aanwezig. Volgens haar waren de onderlinge verhoudingen helemaal niet zo slecht.
Een paar dagen later ontving ik een mail van mijn oudste broer. Hij was als een blad aan de boom omgedraaid. In het onderwerp van de mail stond dan ook heel denigrerend: ‘praatje met elkaar’. Het ging hem erom dat we helemaal niet op één lijn hoefden te zitten. Mijn oudste broer vond het respecteren van elkaars standpunt al goed genoeg. We moesten elkaar maar bellen en belangstelling tonen voor hoe de ander erover dacht. En een mediator was helemaal belachelijk. Nee, hij zat niet te wachten op een gesprek, en zeker niet zoals ik het voorstelde.
Het is niet te geloven wat een merkwaardige denktrant mijn oudste broer eropna hield. Wie paste die openheid en belangstelling voor elkaar eigenlijk toe? Was ik dat niet, met mijn voorstel om eens met elkaar om de tafel te gaan zitten? Wie hield in het geheim gesprekken met onze vader? Waren dat niet mijn oudste broer en mijn zus? Ze waren al regelmatig bij hem thuis geweest. Maar geen enkele keer waren mijn oudste broer en zus daar open en eerlijk in geweest. En waarom waren de gesprekken met de dominee niet vooraf door hen gemeld? Nee, ze wilden geen gesprek met mij en mijn jongste broer omdat het hun niet uitkwam. Het paste niet in hun proces van het herstel van de band met mijn vader. Ze wilden niet verantwoorden waar ze mee bezig waren, omdat ze dan het risico liepen dat ze gas moesten terug nemen en eerst om de tafel moesten gaan zitten met het gezin waarin ze waren opgegroeid. Daar hadden ze helemaal geen zin in. Mijn oudste broer en mijn zus hadden allang hun keuze gemaakt en wilden daar niet meer van terugkomen.
De veenbrand begon zich inmiddels ook bovengronds te manifesteren en breidde zich razendsnel uit. Mijn jongste broer reageerde als door een wesp gestoken op de mail van mijn oudste broer. Hij verweet hem te veel op het spoor van vrijblijvendheid te zitten. Dat hij en mijn zus er geen rekening mee hielden dat anderen uit het gezin meer moeite hadden met de contacten die zij met onze vader onderhielden. En dat het feit dat er volgens mijn oudste broer geen mediator nodig zou zijn, gezien de onderwerpen die besproken moesten worden, wel eens gevolgen kon hebben voor het uiteindelijke resultaat. Het respect voor elkaars standpunten zou er zonder zo’n mediator niet groter op worden.
Hierop reageerde de vrouw van mijn oudste broer met een pittige mail naar mijn jongste broer. En opeens stonden ze, zo schreef mijn schoonzus, open voor een gesprek, maar volgens haar had ik telefonisch met mijn oudste broer niet gesproken over de contacten met onze vader. Helaas bleef het daar niet bij. Mijn schoonzus klapte verder uit de school en meldde met grote stelligheid dat ze zeer open waren en er rekening mee hielden hoe gevoelig het onderwerp lag. En ze beweerde al veel gesproken te hebben over dit onderwerp naar aanleiding van de brief van mijn halfzus. Maar ik wist helemaal niets van een brief van mijn halfzus. Laat staan dat ik daar een woord over had gesproken met mijn oudste broer en schoonzus. Mijn mond viel open van verbazing. Nu was mijn schoonzus al helemaal geen prater en vrijmoedig over deze onderwerpen spreken was van haar al helemaal niet te verwachten. En dat iedereen hiervan al op de hoogte zou zijn terwijl dat helemaal niet zo was, begreep ik al helemaal niet. Waar haalde ze het lef vandaan om dat als bewijs op te voeren van hun openheid en eerlijkheid, waardoor ze het helemaal niet nodig vonden om een mediator in te schakelen. We waren volwassen genoeg om met elkaar een gesprek te voeren, zei ze op een toon waarmee ze alle mogelijke tegenspraak van tafel veegde.
Nu werd mijn jongste broer nog kwader. Een vlijmscherpe mail schoot als een raket, geladen met een kernkop, richting mijn oudste broer en schoonzus. In niet mis te verstane woorden zei hij hun de waarheid. Ze logen erover dat er geen wederzijdse belangstelling zou zijn voor de contacten met onze vader. En ze waren onnozel als het ging om de onderwerpen die telefonisch besproken waren, zoals de contacten met onze vader en de zorg voor onze moeder en stiefvader die gewaarborgd moest blijven. En ze kletsten als ze klakkeloos met een veroordeling kwamen zonder dat ze wisten waar het over ging. Mijn jongste broer maakte heel duidelijk dat zijn oudere broer en zus volslagen de weg kwijt waren en ook helemaal nergens rekening mee hielden. Achteraf denk ik dat mijn oudste broer en zus met hun aanhang verwacht hadden in geen enkel opzicht gehinderd te worden. En dat ze dachten hun gang te kunnen gaan. En dat mijn oudste broer en mijn zus plus aanhang onze aandacht en belangstelling niet op prijs stelden. En zo probeerden ze de gesprekken te ontwijken om maar geen verhaal te hoeven houden over waar ze eigenlijk mee bezig waren. De mail van mijn jongste broer eindigde met een klapper. Hij schreef: ‘Dit is het laatste wat ik te zeggen heb en ik verbreek dan ook alle contacten.’ Ik vond deze laatste zin geen verstandige keuze van mijn jongste broer. Nu maakte hij het probleem alleen nog maar groter. Hoe kon ik mijn broers en zus nog voor een gesprek rond de tafel krijgen? Het was bijna een onmogelijke opgave geworden.
Ik kreeg weer een sprankje hoop toen ik bedacht dat ik een mail kon sturen naar de predikant met wie mijn oudste broer en zus gesprekken hadden over deze onderwerpen. De predikant was goed op de hoogte van wat zich in ons gezin had afgespeeld. Misschien kon hij een rol spelen als mediator om ons als kinderen rond de tafel te krijgen en de gesprekken te begeleiden. Ik citeer de brief die ik naar de predikant heb verstuurd.
Na het gesprek dat u hebt gehad met mijn ouders afgelopen woensdag 3 december, heeft u ze ontredderd en geschokt achtergelaten. De breuk die er in onze familie is, kon nu wel eens zo breed zijn dat de kloof te groot wordt om weer nader tot elkaar te komen. Aangezien u hier ook een groot aandeel in heeft, wil ik het verder toelichten.
U bent van deze zaak goed op de hoogte en spreekt geregeld met mijn zus en oudste broer over het verleden en ook over het verwerken van het verleden. Ook heb ik regelmatig met mijn zus en zwager en enigszins met mijn oudste broer hierover gesproken en inhoudelijk zijn we het niet eens. Mij ging het om het herstel van de banden met onze vader, die volgens mij niet kunnen bestaan gezien het verleden. Er is nooit een band geweest met onze vader, dus hoe kan je een relatie herstellen die er nooit geweest is? Daarnaast heeft mijn vader zich nooit iets van ons aangetrokken en ons altijd tegengewerkt. Vooral heeft hij ons psychisch en fysiek ernstig beschadigd. En daarnaast heeft hij ons zowel financieel als materieel tekortgedaan. En door zijn leugens rond te strooien voor wie het maar horen wilde zijn we door hem lelijk te kijk gezet bij diverse mensen. Dat heeft ertoe geleid dat wij in 1993 voor eens en altijd het verleden hebben afgesloten om niet langer geconfronteerd te worden via onze achternaam met onze biologische vader. Dat was een bewuste keuze die door ons alle vier volledig werd ondersteund. En het was in ons aller belang om onze achternaam te wijzigen.
Daarnaast is het volgens mij niet mogelijk iemand verantwoordelijk te houden voor zijn daden die naar mijn oordeel een psychische afwijking heeft, om zo het verleden te verwerken en in het reine te komen met jezelf. Dat is ook tijdens de gesprekken die u leidde besproken. Het negatieve beeld dat je had van onze vader als kind, kan positiever geworden zijn in de loop van de jaren. Hoe kom je hier nu achter anders dan door contact te zoeken met onze vader? Hierin hebt u ze begeleid en geadviseerd en er zijn inmiddels contacten geweest.
Ik wil u er bewust van maken dat er al in 2003 contact was met één van de kinderen van onze vader uit zijn tweede huwelijk. Al ver voordat u begon met uw gesprekken. Mijn oudste broer heeft mij toen al benaderd of ik daar ook voor voelde om er gehoor aan te geven. Dat heb ik geweigerd met de redenen hierboven beschreven. Nu heb ik vernomen dat ze bij het laatste contact bij onze vader thuis zijn geweest, zelfs met de kleinkinderen, en dat een dochter van mijn oudste broer contact via de mail (Hyves) met één van de kinderen van onze vader (2de huwelijk) heeft. Het kan toch niet zo zijn dat na een aantal gesprekken de banden zo nauw zijn dat dit in een zodanig snelle vaart kan gebeuren? Hier speelt heel wat anders dan onze vader te confronteren met het verleden. De relatie wordt gewoon hersteld en niets meer of minder. Ik vermoed dat er al 5 jaar contacten zijn. Terwijl ons is verteld en meerdere malen is bevestigd door mijn oudste broer en zus dat het ging om de angsten die ze van het verleden hebben te verwerken.
Gezien het verleden, hoe onze stiefvader en onze moeder er onder geleden hebben, en u kent dat verleden, en gezien de moeilijke omstandigheden kunnen onze stiefvader en onze moeder deze toestanden er echt niet meer bij hebben. Wij hebben een goede en lieve moeder, die veel voor ons gedaan heeft in uiterst zware omstandigheden. En onze stiefvader heeft ook veel voor ons betekend, in allerlei opzichten, zodat we ons konden ontwikkelen waar we nu staan. Ik blijf ze daar altijd dankbaar voor.
Ook de positie/rol die onze stiefvader gespeeld heeft de afgelopen 30 jaren wordt zomaar aan de kant gezet. Zo voelt onze stiefvader dat ook, dat hij geen enkele rol van betekenis meer speelt voor zijn kinderen en kleinkinderen. Na 30 jaren van trouwe inzet wordt onze stiefvader aan de kant gezet, bedankt voor de moeite, maar zij gaan de relatie met onze vader even herstellen. Ook voor mijn moeder is dit niet te verdragen, die na jaren van bittere strijd ons eindelijk voor zich gewonnen had. En voor ons kinderen eindelijk rust, waarin onze moeder ons op kon voeden zonder stress van haar ex. Maar ook de relatie naar degenen die bezwaar maken en de consequenties benoemen die het ongetwijfeld heeft, worden met een triomfantelijk air van tafel geveegd. Alsof onze bemoeienis ermee hun niks doet! Dat is onbegrijpelijk!
Ik doe een beroep op u om dit ter sprake te brengen bij mijn oudste broer en zus. Ik voel me hiertoe genoodzaakt nu na aandringen van mijn kant om een gesprek aan te gaan met hulp van een mediator, om de problemen te bespreken en gezamenlijk als kinderen onze ouders te steunen in hun moeilijke situatie, als volledig mislukt.
Ik hoop dat u de problemen inziet en er begrip voor hebt dat ik u hiervoor benader om een mogelijke oplossing te vinden. Ik zou graag een inhoudelijke reactie van u willen ontvangen en graag van u vernemen op welke manier u dit gaat bespreken met mijn oudste broer en zus en hun partners.
Een duidelijke mail, maar wat het resultaat betreft met zeer weinig effect. Het gesprek zou er nooit komen. En uiteraard was de predikant helemaal niet neutraal. En dus ook niet geschikt als mediator. En trouwens, ik beschouwde hem als een van de veroorzakers van de breuk in het gezin. Ik wilde met de mail duidelijk maken dat de predikant zich voor het karretje liet spannen van mijn oudste broer en zus. Dat het hun helemaal niet ging om de verwerking van het verleden, maar dat ze hun jarenlange relatie met onze vader een geestelijke dekking wilden geven. En ik deed tegelijk een beroep op de predikant om de ontstane problemen, waar hij mede verantwoordelijk voor was, ook door hemzelf te laten oplossen. Maar dat ging niet door, omdat mijn stiefvader en moeder de predikant partijdig vonden en hem daarom niet de aangewezen persoon achtten om een bemiddelende rol te spelen. Maar ik hoopte wel dat hij het bespreekbaar maakte bij mijn oudste broer en zus.
Mochten ze dan geen contact hebben met onze vader? Ja, dat recht hadden ze wel, maar gezien de omstandigheden waarin mijn moeder verkeerde, namelijk die van dementie, maakte het op mij wel een verdachte indruk dat ze van de gelegenheid gebruikmaakten. En daarbij komt dat mijn oudste broer en zus al jarenlang contact hadden met onze vader en onze halfzussen zonder het met ons te bespreken. Zo open en eerlijk waren ze hier dus niet over, en daar hebben ze bewust voor gekozen. En natuurlijk was ik ook helemaal niet blij met het contact dat zij zochten en, bleek achteraf, al jaren met onze vader hadden. Gezien het verleden en het karakter van mijn vader zou dat verleden nooit goed besproken kunnen worden. Waarom mijn oudste broer en zus zo gebrand waren op het contact met onze vader heb ik nooit goed begrepen. En uiteraard ben ik furieus uitgevaren tegen mijn zwager tijdens een van de weinige telefoongesprekken die we voerden. Ik liet hem merken dat er geen greintje beweging van mijn kant aanwezig was om enige sympathie te tonen voor het contact dat zij met onze vader hadden opgebouwd. Dat heeft kwaad bloed gezet bij mijn oudste broer en zus. En dat is er volgens mij mede de oorzaak van dat er helemaal geen contact meer mogelijk is met mijn oudste broer en zus. Zij waren al vele stappen verder en ik kon hen niet meer bijhouden. Ze hebben ook niet meer achterom gekeken om ons erbij te houden door hun pas te vertragen. Het was geen route om samen langs op te trekken. Mijn oudste broer en mijn zus gingen hun eigen weg. En ik heb de moeite niet genomen om een stapje harder te lopen, waardoor de afstand tussen ons te groot is geworden. Misschien hebben ze aan het begin van de route nog gedacht dat ik hen nog wel zou kunnen volgen, maar de weg die zij gingen was niet mijn weg, en ik zag die weg ook helemaal niet zitten om af te leggen. Het was voor mij een onbegaanbare en uitzichtloze weg en ik wist niet waar die zou uitkomen. Alles was aanwezig om het tot een ernstige breuk te laten komen.
Daarnaast speelden er nog andere zaken uit het verleden die mijn oudste broer en mijn zus achteraf zijn bijgebleven en die voor hen ook mede aanleiding waren om steeds meer afstand te nemen van mijn moeder en stiefvader. Toen de tweede dochter van mijn oudste broer geboren was, leefde er grote zorg bij mijn moeder over de verzorging en opvoeding van de kinderen. Vooral het tweede kind leek ondervoed en zag er ziekelijk uit. Er werd door mijn oudste broer en schoonzus blijkbaar weinig aan gedaan. Bij een kennismaking in 2002 van de beide families van mij en mijn vrouw in Lelystad zag de tweede dochter er erbarmelijk slecht uit. Iedereen zag het. Ook mijn aanstaande schoonmoeder maakte later de opmerking of het kind wel gezond was.
Na lang besluit heeft mijn moeder de hulp van een bepaalde instantie ingeroepen. Die zocht contact met mijn oudste broer en schoonzus en meldde daarbij dat er een verontrustend telefoongesprek met mijn moeder had plaatsgevonden. De rapen waren gaar en mijn moeder stond er gekleurd op. Het had natuurlijk anoniem moeten blijven, maar nu was bekend waar de melding vandaan kwam. Mijn oudste broer en schoonzus waren natuurlijk laaiend en terecht vroegen zij zich af waar mijn moeder zich mee bemoeide. Haar actie was uit zorg voor het kind geweest, maar pakte helemaal verkeerd uit. Uiteraard heeft mijn moeder haar excuses aangeboden, maar het kwaad was geschied en het bleef een zwarte vlek in de betrekkingen tussen haar en mijn oudste broer en schoonzus.
De gezondheid van mijn zus was ronduit slecht. Ze was geregeld geopereerd, maar op termijn zou haar gezondheid broos blijven en het zou een moeilijk leven worden met veel beperkingen. Ze kreeg dan ook veel gedaan van mijn moeder en stiefvader. Uiteraard was dat allemaal begrijpelijk. Zij maakten zich zorgen over de toekomst van hun dochter. Die vroeg wel veel om haar leefomstandigheden te veraangenamen. Ze kreeg ook veel toegeschoven en werd erg verwend. Ik had er geen enkele moeite mee, want haar leven zag er somber uit. Laat haar dan ook maar genieten van alles wat ze kreeg toegeworpen. Het ging bijvoorbeeld om kleding en inboedel die mijn ouders voor haar betaalden. Later kreeg ze een auto, want dan kon ze zich gemakkelijk verplaatsen. Uiteindelijk kreeg ze pas een hypotheek op haar huis nadat mijn ouders er veel geld bij hadden gelegd. Anders was ze de beoogde woning misgelopen. Zelfs een nieuwe keuken werd haar in de schoot geworpen. Die hypotheek was overigens een lening die mijn zus zou terugbetalen, want het ging om een erg groot bedrag. Als mijn ouders dat gegeven hadden, had het meer op een schenking geleken en dan hadden ze hun huis moeten verkopen om de andere kinderen hetzelfde erfdeel te geven.
Maar mijn zus ging enige jaren later geheel onverwacht samenwonen met de ex van onze ‘“nicht’. Deze nicht was een dochter van de zus van mijn stiefvader. En na enige tijd verkocht mijn zus haar huis. Mijn ouders waren vrijgevige mensen, maar geen filantropen en ze vroegen mijn zus het hele bedrag in één keer terug te betalen. Dat was echter tegen het zere been van mijn zus. Ze zei nota bene tegen mijn moeder en stiefvader dat het geschonken was en had niet verwacht dat ze het bedrag moest terugbetalen. Dat heeft ertoe geleid dat de botsingen tussen mijn zus en zwager en onze moeder en stiefvader heviger werden. Mijn zus, die alles ontving en alles voor elkaar kreeg, moest een groot bedrag betalen aan mijn moeder en stiefvader. En dan te bedenken dat mijn zus en onze moeder eigenlijk twee handen op één buik waren. Ze deden werkelijk alles samen. Niets was te gek en ze hadden samen altijd het grootste plezier. Maar na de zoveelste aanvaring was dit de druppel die de emmer deed overlopen, ook omdat mijn moeder ertegen was dat ze ging samenwonen. En ze heeft dat ook meerdere keren tegenover mijn zus en zwager uitgesproken. Waarschijnlijk werd het door mijn zus en zwager niet op prijs gesteld dat ze om het samenwonen bekritiseerd werden
Nadat haar huis verkocht was ging mijn zus direct bij haar vriend wonen. Dat geld hadden ze nodig voor zijn huis. Hij ging namelijk scheiden van zijn vrouw en moest haar uitkopen. Dat kon dan mooi met het geld dat mijn zus aan haar verkochte woning had overgehouden. De verhouding tussen mijn zus en mijn moeder ging vervolgens zienderogen en in hoog tempo achteruit. Toen ze ging trouwen deed ze dat niet vanuit haar ouderlijk huis, terwijl ze dat eerder wel had beloofd. En mijn moeder had er juist erg naar uitgekeken dat haar enige dochter vanuit haar ouderlijk huis zou trouwen. Het was een soort wraak van mijn zus en het heeft mijn moeder veel verdriet bezorgd. ×
SERVICE
Contact
 
Vragen