€ 19,95

ePUB ebook

niet beschikbaar

PDF ebook

niet beschikbaar

Meer van deze auteur

  • Cover Slinkend Brein
    Slinkend Brein
  • Cover Farmacotherapie bij ouderen
    Farmacotherapie bij ouderen

Wie zijn wij?

Jan van Ingen Schenau • boek • paperback

  • Samenvatting
    Wie is de mens? Wie zijn wij? Waarom zijn we zoals we zijn? Voor sommigen zit het recht van de sterkste, `ikke, ikke, ikke en de rest kan stikken' en vechten in het bloed en voor anderen zijn vrede, medemenselijkheid en geluk het ideaal.

    De mens is nog maar een blauwe maandag op aarde en is er in korte tijd in geslaagd om bloedige oorlogen te voeren en medemensen te onderwerpen en tot slaaf te maken. Het lijkt een aardje naar zijn vaartje, want de natuur, waaruit we voortkomen, is geen lieverdje. Doden of gedood worden is de rode draad die door het aardse leven loopt.

    We zijn er zelfs in geslaagd om vernietigende wapens te maken, waardoor onze toekomst aan een zijden draadje hangt. Is het tij nog te keren? Zullen we elkaar het licht in de ogen gunnen? Geven we elkaar de ruimte om je eigen unieke leven op aarde te kunnen leiden of je nu groen, geel of paars bent of seksueel gezien van een andere planeet lijkt te komen?

    Wat is de zin van ons bestaan? Hoe ziet onze toekomst eruit? Willen we nog wel `vooruitgang' waarin de veranderingen steeds sneller gaan en mensen het niet meer kunnen bijbenen of uitvallen? Zijn we blij met onze samenleving of moet het roer om? Veel vragen, maar zijn er ook antwoorden?
  • Productinformatie
    Binding : Paperback
    Distributievorm : Boek (print, druk)
    Formaat : 145mm x 210mm
    Aantal pagina's : 150
    Uitgeverij : Onbekend
    ISBN : 9789081450591
    Datum publicatie : 08-2016
  • Inhoudsopgave
    INHOUD

    1 Van oerknal tot mens 7

    2 Aardse levensvorm: doden of gedood worden 13

    3 De dood ligt altijd op de loer 19

    4 Kokerzien 21

    5 Zijn we marionetten aan een DNA-touwtje? 23

    6 De eerste mensachtigen 26

    7 Een broederstrijd 30

    8 Wat is de Impact van de aardse levensvorm op ons? 34

    9 Mensen zijn niet gelijk 36

    10 Kunnen we rebelleren tegen de wetten van de natuur? 38

    11 Goden verschijnen op het toneel 40

    12 De eerste grote culturen 40

    Egypte 45
    Democratie voor de aristocraten 48
    SPQR 51
    Het oude India 56
    Het China vóór Christus 57

    13 De Bakai-stam 58

    14 Vrijheid, Gelijkheid en Broederschap 61

    15 Ben ik niet een mens en een broeder? 63

    16 Europa, het `vechtcontinent' 66

    17 De toverfluit van een leider 70

    18 Heimwee naar de jachtvelden? 72

    Hunebedpark 75
    Washingtonpark 76
    Bloemfonteinpark 81
    Junglepark met een rode ster? 82

    19 De menselijke natuur en de samenleving 83

    Arm en rijk 86
    Criminaliteit 90
    Dierenrechten 94
    Discriminatie 96
    Gezondheid 99
    Gezondheidswetten 101
    Gezondheid juist bedreigd door de overheid 105
    Mensenrechten 107
    Normen en waarden 110
    Seksuele voorkeuren 112
    Veiligheid 114
    Vrijheid van meningsuiting 116
    Werkschuwen 118

    20 Staat de wered opnieuw in brand? 119

    21 Het recht van de sterkste en democratie 122

    22 Autonomie van het individu 124

    Euthanasie 126
    Uitleven 129

    23 Wat als de maatschappij je niet bevalt of je `past' niet in de samenleving? 130

    24 Wat is een rechtvaardige maatschappij? 132

    25 Zijn vrouwen niet betere leiders dan mannen? 134

    26 Hoe `eerlijk' zijn de grenzen van landen? 136

    27 Willen we nog wel `vooruitgang'? 139

    28 De zin van ons bestaan 142

    29 Quo vadis: waarheen? 145
  • Reviews (0 uit 0 reviews)

€ 19,95

niet beschikbaar

niet beschikbaar

2-4 werkdagen
Veilig betalen Logo
Retourneren binnen 14 dagen*
Deel via 

Fragment uit het boek

1 VAN OERKNAL TOT MENS (fragment)

Vijftien miljard jaar geleden staat de tijd nog stil. Er is geen ruimte, geen licht en geen donker. Er is niets. Dan komt de oerknal. Als uit het niets ontwikkelt een minuscuul deeltje zich in één seconde tot het begin van het heelal. De helse hemelse explosies vinden in alle stilte plaats, want het luchtledige kent geen geluid. De tijd ontwaakt uit haar winterslaap en de klok begint te tikken. Bij de geboorte van het heelal is er nog alleen de boreling.

Tien miljard jaar later is het heelal bezaaid met sterrenstelsels, sterren en brokken steen die hun rondjes om een ster gaan draaien. Eén van die enorme keien is onze aarde, die niet alleen rondjes om onze ster, de zon, gaat draaien, maar ook nog rondjes om zichzelf. Om zijn eigen as. Miljarden rondjes worden gedraaid en niemand op aarde merkt er iets van, want er is nog niemand. In die tijd is de aarde een heksenketel met een verstikkende en vulkanische atmosfeer. Niet dat wij er al geleefd zouden kunnen hebben, want zuurstof ontstaat pas een paar miljard jaar later.

Hoe het leven is ontstaan weet niemand. Misschien uit de ruimte? Want de meteorieten die daaruit afkomstig zijn bevatten de bouwstenen voor eiwitten en DNA. En zeker in het begin van de aardse ontwikkeling zijn er heel wat meteorieten op aarde gevallen. Maar alleen stenen bouwen geen huis. Daar is veel meer voor nodig. Zoals een plan en een architect. En misschien was er wel een plan, was er wel een architect, zoals verschillende religies geloven. Vooralsnog blijft het gissen waarom wij er zijn.



2 AARDSE LEVENSVORM: DODEN OF GEDOOD WORDEN (fragment)

Het is eigenlijk onvoorstelbaar dat in de tsunami aan literatuur op internet, in bibliotheken en in de talloze boekhandels weinig te vinden is over de wreedheid en bloeddorstigheid van de aardse levensvorm. Of moeten we zeggen dat het de natuur volledig onverschillig laat wat er gebeurt? Of is het gewoon zo dat de natuur `niks' weet en dat alles op aarde toevallig gebeurt? Of bestaat de natuur alleen in ons brein en verwijten we haar of een hogere macht de vele doden en gewonden door een aardbeving, terwijl de oorzaak daarvan puur fysieke krachten zijn? Het was niet de gesel van een boze god omdat we te weinig geofferd hadden, het was gewoon dikke pech. Dan hadden we maar een dorpje iets verderop moeten bouwen.

Waarom willen wij de natuur een gezicht geven en zelfs verantwoordelijkheid toekennen voor wat op aarde gebeurt? Waarom prijzen we de natuur de hemel in en `aanbidden' we haar? Want we zijn bijna lyrisch over de `wondere wereld der natuur’ of het ecologisch vernuft van onze levensvorm. `Schitterende' natuurfilms laten haarfijn zien hoe een prooi opgejaagd wordt en het redt of niet redt. Mij trof het zeehondje dat steeds weer ontsnapt aan zijn achtervolger en ten slotte veilig lijkt te zijn op een ijsschots. Maar uitgeput als hij is, glijdt hij langzaam het water in en wordt alsnog door het roofdier gedood en opgegeten. De realiteit van de natuur staat in schril contrast met de happy ends van de Hollywoodfilms. Want in zo'n Hollywoodfilm had het zeehondje het natuurlijk gered en waren we tevreden geweest over zo'n mooie film met een goede afloop. Maar de zwakkeren redden het niet. Niet de mens heeft het `recht van de sterkste' uitgevonden, maar het zit ingebakken in de aardse levensvorm.

In een beklemmende natuurfilm trof mij het leeuwenwelpje dat verlamd is aan zijn onderlichaam, dat hij moeizaam voortsleept. Zijn vader laat zijn kansloos welpje achter en, genetisch geprogrammeerd door de wetten van de natuur, verdwijnt hij uit het zicht van het jong om elders weer nieuwe nakomelingen te krijgen. Maar voordat hij vertrekt lijkt hij te aarzelen. Hij kijkt naar het jong en de twijfel lijkt toe te slaan. Twijfelt hij om weg te gaan? Twijfelt hij omdat hij zijn vlees en bloed niet kan achterlaten? Is er een glimp van medelijden zichtbaar? Is er een glimp van hulp bieden zichtbaar? Maar dat hij uiteindelijk verdwijnt, langzaam lopend alsof hij een zware last met zich meedraagt, is dat niet omdat hij niet kan ontsnappen aan zijn DNA blauwdruk die hem dwingt om zich aan zijn `genetisch programma' te houden? Maar twijfelt hij ook omdat hij over goed ontwikkelde zoogdierhersenen beschikt en daarom kán twijfelen? Zullen toekomstige leeuwenhersenen zo ontwikkeld worden, dat in dezelfde situatie de vader bij het welpje blijft om te redden wat er nog te redden valt, maar er in ieder geval nog is om voor hem te zorgen? Weg DNA-dictatuur, welkom democratie waar de zwakke ook nog wat te zeggen heeft. Want waarom zouden denkende wezens de opdrachten van het DNA, dat zelf niet kan denken, blindelings uitvoeren?

Maar ook dicht bij huis kunnen we de natuur in volle glorie zien. Onze poes komt aanlopen met een muis in z'n bek. Altijd gaat dat gepaard met een merkwaardig miauwen, een klagelijk geluid. Hij laat het muisje vallen en gehavend of niet, het instinct zegt het kleine diertje: `Wegwezen'. Voor de kat is het alleen maar een spelletje, want hij rekent erop dat hij het wat moeilijk schuifelende diertje wel weer vangt. Maar hij heeft buiten de waard gerekend. Buiten mij. Want ik kan wel zeggen: `Het is de natuur' en daarom hem z'n gang laten gaan, maar dat doe ik niet. Stevig pak ik de witzwarte kat op en zet hem in de garage. Ik zie nog net het kleine muisje een supersnelle spurt maken om in de bosjes een veilig heenkomen te zoeken. Hij is gered en ik denk: 'Ik ben óók de natuur'.


11 GODEN VERSCHIJNEN OP HET TONEEL

Het begint te schemeren en door de bomen schijnt de rode gloed van de zon. Ik kan me voorstellen dat de eerste mensen de zon aanbaden als een god. Hij is zichtbaar, straalt warmte uit en is betrouwbaar. De ondergaande zon is de belofte voor de opkomende zon. Je kunt van zo'n god opaan.

Toen de wegen tussen de prille mensachtigen en chimpansees zich scheidden, is het maar de vraag wie daar blij om moet zijn geweest. Voor zover we weten is religie de chimpansee niet echt op het lijf geschreven, simpelweg omdat zijn bewustzijn niet zo geëvolueerd is als bij de mens. Misschien boft hij wel dat hij niet de grote problemen ervaart die de mens heeft. Een chimpansee werkt met realiteiten, met iets wat echt is. Hij laat zich zijn banaan niet afnemen omdat deze geofferd moet worden aan de regengod, die dan in ruil voor de banaan regen brengt. Althans, dat is de hoop en verwachting, maar de regengod geeft geen garantie. Sterker nog: hij bestaat niet eens.

Eigenlijk is het opvallend dat de chimpansee geen religieuze gevoelens heeft. Zijn DNA komt voor 98% overeen met het DNA van de mens. Dat betekent dat het verschil tussen beide soorten slechts 2% is. Waar zit die 2%? Dat is toch haast niet te geloven? Zeker als we een mens een mens noemen en een chimpansee een dier.

Heeft het toenemend besef van zijn eigen bestaan en de behoefte aan zekerheid en bescherming en de hang naar een eeuwig voortleven, de mens niet in een sluimertoestand gedreven, waarin de grens tussen fictie en realiteit vervaagt? Door het ontluikend bewustzijn worstelt de mens met de zin van het leven en een obsessieve angst dat het leven voor hem of haar bij de dood ophoudt. Door blindelings de goden te volgen en het ene offer na het andere te plengen, moet dat schrikbeeld toch af te wenden zijn?


Fragment uit Arm en rijk

Wat opvalt in de huidige maatschappij, is dat er steeds meer protesten komen tegen exorbitante salarissen en bonussen. Maar het blijft niet alleen bij protesten en daarmee is de kous af. Nee, de protesten hebben ook succes. Bankdirecteuren die hun eigen salaris met tientallen procenten verhogen, gaan diep door het stof. De publieke opinie pikt het niet meer. De directieleden betuigen hun spijt, maar het zijn krokodillentranen die hun woede moeten verbergen. Ook zag ik op TV het verweer van een topmanager die miljoenen verdient aan bonussen: `Ik heb er hard voor gewerkt’. Al zouden u en ik zich uit de naad werken, dan nog zullen we nooit het salaris kunnen halen van die topmanager.

Als de wereld van topmanagers een graaicultuur is geworden en zij van hun werknemers verlangen om de broekriem aan te halen, terwijl hun eigen riem allang niet meer past, dan is er nog heel wat werk te verrichten. Als dit de economische leiders van ons land zijn, dan zijn we toch ver heen.

De graaicultuur ligt natuurlijk niet zo eenvoudig. Daar is een `morele revolutie' voor nodig bij de graaiers en respect voor en solidariteit met hun werknemers. Wat vooralsnog werkt is de publieke verontwaardiging. Wanneer de graaiers zichzelf weer eens flink belonen en de bevolking zet orkaankracht in, dan gaan de graaiers opnieuw door de knieën. De extra salarisverhoging wordt teruggedraaid en opnieuw worden openlijk excuses aangeboden. Knarsetandend, dat wel.


Fragment uit Criminaliteit

Ik loop het parkeerterrein van mijn werk op om in de auto te stappen en naar huis te gaan. Een zijruit ligt aan diggelen en `gelukkig’ is er niets gestolen. Je moet nog blij zijn dat je er zo vanaf komt. Telefoontjes naar de verzekering en een reis naar een autoglasbedrijf zorgen er uiteindelijk voor dat er weer een nieuwe ruit inzit. Maar ik ben wel weer een flink bedrag aan euro’s armer en veel tijd kwijt om het allemaal te regelen.

Een vrouw loopt rustig over straat tot er plotseling twee jongens op een scooter haar tasje uit haar hand grissen. Ze heeft geen schijn van kans om iets te doen en het gaat allemaal zo snel dat ze niet eens een signalement van de daders kan geven. Zij is nog veel meer tijd kwijt dan ik toen ik die kapotte ruit moest regelen.

Dit noemen we dan `kleine criminaliteit’. De dader gaat na een procesverbaal weer de straat op. Maar wat als de dader zelf aan den lijve zou ondervinden wat hij veroorzaakt heeft? Wat als `oog om oog, tand om tand’ zou gelden? Als van de auto van de persoon die mijn ruit heeft verbrijzeld, ook een ruit wordt ingeslagen? De dader zal dan ook weer alles moeten regelen wat zijn slachtoffer eerder heeft moeten doen. Bovendien zou hij aan zijn slachtoffer de onkosten moeten betalen en smartegeld.

De tasjesdief zal de schok van zijn leven krijgen als in de rechtbank de rechter vraagt om hem zijn persoonlijke spullen te overhandigen. Zijn rijbewijs, verzekeringspapieren, paspoort, bankpasje, foto's, geld. De gedaagde zal niet weten wat hem overkomt en geeft onwennig en bijna wat lacherig zijn persoonlijke dingen aan de rechter. Deze verscheurt het allemaal. `Zo', zegt de rechter. `Dat is dat'. `Nu het papierwerk gedaan is, ga ik u de volgende straf opleggen…'.

Het gevolg is wel dat de tasjesdief aan zijn vriendin, vrouw of kinderen moet uitleggen waar hun foto’s zijn die hij steeds bij zich heeft. De tasjesdief heeft ervaren wat het is is om beroofd te worden en zal alle documenten weer opnieuw moeten aanvragen. Net zoals zijn slachtoffer heeft moeten doen. En ik denk dat hij zich, wetend dat hij opnieuw voor de rechter zijn persoonlijke spullen moet inleveren, zich wel twee keer bedenkt om weer een tasje te stelen.

`Oog om oog, tand om tand’ kan natuurlijk niet voor de zware criminaliteit gelden. Een moordenaar kunnen we niet vermoorden en een verkrachter niet verkrachten. Het zou natuurlijk wel kunnen, maar gelukkig voor de dader hebben we een opvatting over een beschaafde samenleving en daar hoort als straf de doodstraf en verkrachting niet bij.


25 ZIJN VROUWEN NIET BETERE LEIDERS DAN MANNEN?

Ergens is een opstootje. De mannen zijn verhit en beginnen met elkaar te vechten. Fight or flight ten voeten uit. Er vallen rake klappen en de eerste gewonden beginnen te vallen. Hun vriendinnen kunnen het niet meer aanzien en proberen hun vrienden los te trekken uit de samengebalde kluwen van geweld. In het tumult klinken kreten als `Jongens, hou op', `wees de verstandigste'.
Enkele mannen geven er gehoor aan en trekken zich met bebloede gezichten terug. Maar de meeste mannen blijven erop los slaan. Geweld zit hen duidelijk in hun bloed.

We hebben altijd geleerd dat `vechten of vluchten' in de aard van de mens zit. Maar dat lijkt niet helemaal op te gaan. `Vechten of vluchten' zou eerder typisch mannelijk zijn. Vrouwen proberen juist ruzies te sussen. De Amerikaanse psycholoog Taylor stelt dat bij de meeste dieren vrouwtjesdieren minder agressief zijn dan mannetjesdieren. Ze vertonen meer een sociaal gedrag. Fight or flight gaat voor vrouwen niet op zoals het voor mannen geldt. Zij volgen meer het principe van `tend or befriend', het zoeken van sociale steun en vreedzaam een probleem willen oplossen. Als het echt niet anders kan, kunnen vrouwen ook flink van zich afbijten: kom niet aan hun jongen.

Vroeger was de man de leider. Als een fysieke krachtpatser voerde hij zijn troepen aan en gaf het goede voorbeeld. In de huidige tijd zijn mannen nog steeds vaak de leiders. Maar de vraag is of dat nodig is. De fysieke kracht is niet meer doorslaggevend en door de complexe samenlevingen die zijn ontstaan is juist een goede verstandhouding tussen landen nodig. Diplomatie is dan belangrijk en dan is het maar de vraag of je daarvoor vechtersbazen met testosteron moet hebben. Misschien is de emancipatie op tijd gekomen en lijken vrouwen door hun `aangeboren bemiddelingsrol' geschikter als leiders dan mannen. ×
SERVICE
Contact
 
Vragen
Volg ons op pijl