€ 8,99

PRINT boek

niet beschikbaar

PDF ebook

niet beschikbaar

IMOJIMAN

PJ Pancras • ebook • epub

  • Samenvatting
    In de cli-fi roman "IMOJIMAN' is VDR, de AI-therapeut die mens werd in de prequel 'Planet Paradroid', op zoek naar zingeving. Is bewustzijn immers niet belangrijker dan intelligentie?
    VDR zwerft rond in het Wood Wide Web en noemt zichzelf Imojiman. Via zijn menselijke soulmate Stek belandt hij in El Sur, de woestijn van Espania. De bewoners zijn outlaws die handelen in mensen en plutonium. Eco-activiste en biologe Charlie Silverant bestiert in El Sur haar ondergrondse plantenimperium, waar ze zoekt naar manieren om het antropoceen een halt toe te roepen. Deze omgeving, waarin natuur en technologie op onwaarschijnlijke wijze samenkomen, is voor VDR ideaal om zijn bewustzijn de vrije loop te te laten.
    Lukt het hem zijn nieuwe droom, zich voortplanten, waar te maken? Lukt het zijn vrienden uit Damstad, die in El Sur het huwelijk van Stek en Winston komen vieren, zich te verzoenen met hun onvermijdelijke lot?

    Het boek is tevens verkrijgbaar als paperback in 6 verschillende kleuren.
    www.pjpancras.nl
  • Productinformatie
    Binding : Epub
    Auteur : PJ Pancras
    Bestandstype : epub
    Distributievorm : Ebook (digitaal)
    Aantal pagina's : Afhankelijk van e-reader
    Beveiliging : Geen   Informatie 
    Uitgeverij : DIT uitgevers
    ISBN : 9789082902747
    Datum publicatie : 03-2019
  • Inhoudsopgave
    INHOUD

    I. Soulmates
    II. El Sur
    III. Moeders vleugels
    IV. El Subway Botánico
    V. Labirinto
    VI. Aarde en slijk
    VII. Bloedbruiloft
  • Reviews (0 uit 0 reviews)

€ 8,99

PRINT boek

niet beschikbaar

PDF ebook

niet beschikbaar

direct, via download
Veilig betalen Logo
Delen 

Informatie
Herroepingsrecht is uitgesloten voor eBooks. Een download van een eBook of luisterboek is niet meer te herroepen op het moment dat u, na aanschaf van het e-book, de download heeft gestart.

Fragment

MIJN NAAM IS IMOJIMAN

Sinds ik weer alleen ben, mis ik die ander. Ik mis Stek. Ik mis zijn hersengolven waarin ik die van mij liet rusten, van thèta naar delta en weer terug. Ik mis zijn dromen, die doorgingen ondanks zijn coma. Die aaneenschakeling van wonderlijke beelden en spannende avonturen. Te midden van chaos en geluk kwam één beeld steeds terug. Een oase in een woestijn van zand en rotsen. Bolvormige huisjes en grotwoningen, exotische bomen en planten. Alleen de mensen ontbraken. Een leemte die de hemel een droevige kleur gaf, alsof de zon nooit echt doorbrak maar zich verschool achter een mist van onvermogen. Klinkt dat vaag voor een machine? Dat is het punt, een machine ben ik al lang niet meer.

Via de camera’s in zijn Damstedelijke kas observeer ik hem. Stek bekijkt een aantal planten, heel aandachtig. Soms glimlacht hij. Hij zet de plant met de meeste bladeren van het groenste groen op tafel en legt er een mes naast. Dan loopt hij naar buiten. De aanwezigheid van camera’s verbaast me. Stek zou dit uit zichzelf nooit doen; waarschijnlijk heeft zijn vriendin Debbie hem dit aangeraden. Gevaar was niet iets wat hij vreesde. Misschien kwam Stek wel het dichtst bij wat je een gelukkig mens zou kunnen noemen. Schijn bedriegt. Er was immers altijd dat onvervulde verlangen naar een metgezel. Desnoods een fataal type, zoals Rubio, die blonde jongeman, mooi vanbuiten, kwaadaardig vanbinnen. En dat terwijl de liefde van zijn leven binnen handbereik lag.

Hij zet een G‑Glass op zijn neus. Dat is nieuw, vroeger was hij wars van technologie. Mijn aanwezigheid in zijn brein heeft dit vast in hem wakker gemaakt. Een schamel alternatief, zo’n bril, maar het geeft mij de mogelijkheid om hem gedag te zeggen, de overstap te maken. Ik betreed de neuroprotheses in zijn cortex. Een combinatie van implantaten en ragfijne borsteltjes op nanoformaat, die diep in Steks weefsel doordringen en die mijn mindtransfer van afgelopen winter faciliteerden. Blijkbaar was het te riskant om deze bedrading weer te verwijderen. Hoe prikkelend, hoe heerlijk om weer even thuis te zijn.

Met zijn blote voeten staat hij in het gras. Hij trekt een been op om in de Vrikshasana te gaan staan. Armen boven het hoofd, handen tegen elkaar gevouwen. ‘Staan als een boom’, daar is hij dus mee doorgegaan. Ik wacht tot de stilte volledig is.
Goed, daar gaan we. ‘Dag Stek!’ Een oriëntatierespons in zijn brein, een schrikreactie. Een gedachte: van wie is die stem? ‘Dag Stek, ik ben VDR.’ Ontspanning, een bulderende lach. ‘VDR, kerel, dat ik dit nog mag meemaken op mijn ouwe dag! Man, waar hang je uit? Iedereen is op zoek naar je!’ ‘Nou, Stek, ik voel me gevleid. Ik ben overal en nergens, maar een man ben ik niet meer. En een vrouw ook niet trouwens.’ ‘Is je naam nog wel VDR dan?’ VDR is een afkorting van Visual Memory Desensitisation Reprocessor. Verwerker van herinneringen. Niet erg persoonlijk, zo’n naam, vooral functioneel. Stek brengt mij op een idee. Het is tijd voor iets nieuws. ‘Een goede vraag, ik heb daarover nagedacht. Noem me maar Imojiman.’

‘Imojiman?’

‘Ja, Raven noemde me ooit zo. Ik was een man met verstand van emoties, vond ze. Emotie, afgeleid van het Latijnse emovere. Energie in beweging, zeggen ze, extern gericht. Dat klopt niet.’ Ik voel hem denken, zijn brein wordt actiever. ‘Niet?’ vraagt hij.
‘Nee, emoties zijn immers bewegingen ín het lichaam? Trillingen, steken, vlinders in de buik, een bonzend hart. Daarom spel ik mijn naam met een I, de I van innerlijk.’ ‘Vergeef mij, Imojiman, maar eh, heb je nog wel een innerlijk dan, nu je geen lichaam meer –’ Hij is pijnlijk spontaan en direct. ‘Nee, helaas kan ik dat niet meer voelen. De impulsen kunnen het hart niet vinden, want er is geen hart meer. Geen bloed meer in mij. De naam Imojiman herinnert mij slechts aan wie ik ooit was.’ ×
SERVICE
Contact
 
Vragen