Wij werken op volle kracht, er is geen vertraging in productie en levering door het Coronavirus. Meer informatie via deze link.

€ 19,95

ePUB ebook

niet beschikbaar

PDF ebook

niet beschikbaar

Meer van deze auteur

  • Cover De Oerhoer
    De Oerhoer (boek)
  • Cover Aan Gene Zijde
    Aan Gene Zijde (boek)

Persona non grata

Uit de gratie

Rutger Willem Weemhoff • Boek • paperback

  • Samenvatting
    De op ware gebeurtenissen gebaseerde roman Persona non grata beschrijft het levensverhaal van de frivole dr. Eduard Kommer. Zijn montere levensmotto was: vrij mijn koers. Met zijn vrijgevochten levenswijze was hij zijn tijd ver vooruit. Enerverende issues in dit boek: zijn jeugd in Indië, zijn studie medicijnen in Utrecht, roeien, huwelijk, tweede wereldoorlog, actief in het artsenverzet, zijn verre reizen als scheepsarts, de diepe hartstocht voor zijn concubine, zijn scheiding, nogmaals Indië, familieperikelen, wanhoop en dood.

    Who the hell is: Rutger Willem Weemhoff

    Deze auteur was actief als acteur in het theater en voor televisie. Naast zijn bezigheden als acteur studeerde Weemhoff in de jaren ‘80 tevens een tijdlang filosofie aan de Gemeentelijke Universiteit van A’dam. 'Filosofie van de dood, da's pas leven!' luidt zijn montere motto als ‘de filosoof van de dood' in een interview met Filosofiemagazine: ‘Ik sterf, dus ik ben (niet)’.

    Als onafhankelijke auteur en publicist schreef hij tal van teksten. Weemhoff biedt zijn schrijfwerk aan via een eigen ideële uitgeverij, onder de naam die zijn totale oeuvre het beste covert: Partout.
    Producties zijn te bestellen als paperback of als e-book.

    www.rutgerweemhoff.nl
  • Productinformatie
    Binding : Paperback
    Distributievorm : Boek (print, druk)
    Formaat : 140mm x 216mm
    Aantal pagina's : 261
    Uitgeverij : Partout
    ISBN : 9789082229813
    Datum publicatie : 02-2021
  • Inhoudsopgave
    Who the hell is: Rutger Willem Weemhoff

    Deze auteur was actief als acteur in het theater en voor televisie. Naast zijn bezigheden als acteur studeerde Weemhoff in de jaren ‘80 tevens een tijdlang filosofie aan de Gem. Universiteit van Amsterdam. 'Filosofie van de dood, da's pas leven!' luidt zijn montere motto in een interview met Filosofiemagazine, als ‘de filosoof van de dood'.

    Als onafhankelijke auteur en publicist schreef hij tal van teksten. Weemhoff biedt zijn schrijfwerk aan via een eigen ideële uitgeverij, onder de naam die zijn totale oeuvre het beste covert: Partout.

    Producties zijn te bestellen als paperback of als e-book.

    www.rutgerweemhoff.nl
  • Reviews (0 uit 0 reviews)

€ 19,95

niet beschikbaar

niet beschikbaar

3-5 werkdagen
Veilig betalen Logo
14 dagen bedenktermijn
Delen 

Fragment

1925. De horde eerstejaars studenten van het USC, het Utrechts Studenten Corps, was kaal geschoren en liep gekleed in identieke blauwe blazers als een peloton op een drafje te sjokken door de Utrechtse binnenstad, bepakt met rugzakken waarin zeker 25 kg klinkers verpakt zaten. Ouderejaars met namen als Klaas van Rijckevorsel of Rijnhard Snouckaert van Schauburg liepen met zwepen te knallen rondom het groepje tijgers, om hen op te hitsen om harder te lopen. Af en toe klonk er een: ‘Halt!’. De jongens moesten dan op hun knieën als honden een heel stuk over de straatstenen verder kruipen: sneller, sneller. En daarna tijgeren, je zelf met je ellebogen en knieën plat op de grond voortbewegen. Dan weer marcheren. Soms hield men halt voor een plaspauze en moesten ze even later languit liggend hun eigen pis oplebberen. Eduard bevond zich in de achterste linies, samen met Bodi. Af en toe kreeg Ed een trap onder zijn kont, maar hij gaf geen kick. Hij zag vanuit zijn ooghoeken hoe Bodi een snoeiharde slag van de zweep over zijn rug kreeg van Almar Tjeerd Corjanus, een etterbak van een Corpsbal die met een gemene grijns naar de omstanders lachte, die zich vol walging omdraaiden. ‘Vort, koelie!’ Dit was een eeuwenoud ritueel, dat van de ontgroening. Het heette ‘de mooiste tijd van je leven te zijn’..De sociëteit was een enorme grote en hoge rechthoekige ruimte, een voormalige rechtszaal, met rondom in de hoogte balkons. Aan het plafond hingen enorme hanglampen met aan elke lamp 10 witte bollen van melkglas. Aan de wanden hingen de soms eeuwenoude vaandels, alle corpora hadden hun eigen vaandel. Iedereen liep hier in rokkostuum, anders mocht je niet naar binnen, behalve de eerstejaars met hun blauwe blazers. Op een verhoging zetelde de Senaat, de Voorzitter had zojuist zijn openingsspeech gehouden. Achter hem bungelde een gehavend portret van Koningin Wilhelmina. Slottekst van de Voorzitter: laat de bierkraan nu maar wijd openstaan! Op de muren beneden zaten op gepaste afstand koperen kranen. Wanneer je die opendraaide spoot het schuimende bier eruit. Het enorme zuipen nam meteen een aanvang, hier en daar werd al met bier naar elkaar gegooid. Je kon alleen met roepia’s betalen, iets wat Bodi veel genoegen deed. Op een wankele kruk helemaal achterin stond een eeuwigejaars te tollen, die al helemaal lam was van de drank. Bij elke eerstejaars die hij in het vizier kreeg schreeuwde hij voor iedereen luid verstaanbaar: ‘Hee, Pik, Lullo, oplazeren, ja, jij, joh!’ Eddie keurde hem geen blik waardig.In het midden van de zaal stond een boksring opgesteld, en daar moesten de eerstejaars het een voor een opnemen tegen een hogerejaars. Bloedneuzen, gescheurde wenkbrauwen, een blauw oog was wel het minste wat je eraan overhield. Ook een gebroken kaak kwam wel voor. De goed getrainde Bodi stal triomfantelijk de show. In de pauze trad het zigeunerorkest Tzigane Swing aan, de gemoederen raakten meer en meer verhit. Ouderejaars hadden een wankele soort toren gebouwd van tafels en dwongen een van de eerstejaars naar boven te klimmen om zo’n wit bolglas van de hanglamp los te draaien en dat naar beneden te gooien, dat werd gevuld met bier en de volgende eerstejaars moest dat dan gaan brengen naar de man bovenin, en zo ging dat door, om en om en af en aan. Natuurlijk klotste het bier tijdens de tocht naar boven alle kanten op. Je mocht pas naar beneden komen als je bovenin de hele bol leeg gezopen had. Af en toe sneuvelde er een bolglas, of tuimelde een ongelukkige naar beneden, waarbij hij onder veel geroep zo goed en zo kwaad als dat ging opgevangen werd. Gesmijt met bier, iedereen was doordrenkt tot op het hemd. ×
SERVICE
Contact
 
Vragen